De brief voor de koning : een avonturenverhaal

De brief voor de koning : een avonturenverhaal / Tonke Dragt ; [ill. van de schrijfster]. - Den Haag : Leopold, [1962]. - 340 p. : ill. ; 23 cm
ƒ 7,- geb ƒ 8.90

Drukgeschiedenis

2e dr. - 1963 geb. ƒ 9,50

3e dr. -

4e dr. - 1967
ƒ 12,90

5e dr. - 1970
ISBN 90-258-3307-1 geb. ƒ 10,-

6e dr. - 1973
geb. ƒ 10,-

7e dr. - 1977
ISBN 90-258-3301-2 geb.

8e dr. - 1980
geb. ƒ 22,-

9e dr. - 1983
geb. ƒ 24,90

10e dr. - 1987
ISBN 90-258-3320-9 geb. ƒ 27,50

11e dr. - Amsterdam : Leopold, 1988
ISBN 90-258-3329-2 (verbeterd) ƒ 15,-

12e dr. - 1992
ISBN 90-258-3339-X

13e dr. - 1994
ƒ 19,90

14e dr. -

15e dr. - 1998. - 454 p.
ISBN 90-258-3392-6 ƒ 34,90

16e dr. - 2000

17e dr. -

18e dr. -

19e dr. - 2002

20e dr. - 2002

21e dr. -

22e dr. - 2003

23e dr. -

24e dr. - 2004

25e dr. - 2004

26e dr. - 2004

27e dr. - 2005

28e dr. - 2005

29e dr. - 2007

30e dr. -

31e dr. - 2008

32e dr. - 2008
ISBN 978-90-258-5243-6 (luxe ed.) geb. : € 22.50

33e dr. - 2008
ISBN 978-90-258-5244-3 : € 12.50 (filmeditie)
Bevat tevens: De brief voor de koning : de film / door Joukje Akveld

34e dr. - 2008

35e dr. - 2008

36e dr. - 2009

37e dr. - 

38e dr. - 2010.
ISBN 978-90-258-5730-1
Met een "Brief van Tonke Dragt aan de lezers van dit boek in 2010"

39e dr. -

40e dr. - 2013

41e dr. -

42e dr. -

43e dr. - 2015

44e dr. - 2015

De kleine brief voor de koning / Tonke Dragt. - Amsterdam : Leopold, 1998. - 21 cm. : ill. ; 15 cm
ISBN 90-258-3395-0

(Bevat hoofdstuk 5 en het grootste gedeelte van hoofdstuk 6 van het Eerste deel van De brief voor de koning.)

Vertalingen

Der Brief für den König : Abenteuerroman / Tonke Dragt ; [Übers.] aus dem Niederländischen. - Weinheim [etc.] : Beltz & Gelberg, cop. 1977. - 397 p. ; 20 cm. - (Programm Beltz und Gelberg) Vert. van: De brief voor de koning. - s-Gravenhage : Leopold, 1962. ISBN 3-407-80528-4 geb

Der Brief für den König : Abenteuer-Roman / Tonke Dragt ; aus dem Niederländischen. - Weinheim [etc.] : Beltz & Gelberg, cop. 1987. - 397 p. ; 19 cm. - (Gullivers Bücher ; 23)
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962. - 1e dr. Duitse uitg.: Weinheim [etc.] : Beltz, 1977.
ISBN 3-407-78023-0

Der Brief für den König : Abenteuerroman / Tonke Dragt ; aus dem Niederländischen. - Weinheim [etc.] : Beltz & Gelberg, cop. 1991. - 397 p. ; 20 cm. - (Kinderbibliothek)
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962. - Oorspr. Duitse uitg.: 1977.
ISBN 3-407-79509-2 geb.

Der Brief für den König : Abenteuer-Roman / Tonke Dragt ; aus dem Niederländischen. - [8. Aufl.]. - Weinheim [etc.] : Beltz & Gelberg, [1993]. - 397 p. ; 19 cm. - (Gulliver Taschenbuch ; 23)
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962. - 1e dr. van deze uitg.: 1987. - 1e dr. Duitse uitg.: Weinheim [etc.] : Beltz, 1977.
ISBN 3-407-78023-0

Der Brief für den König : Abenteuer-Roman aus dem Niederländischen / Tonke Dragt. - Einmalige Sonderausg. - Weinheim : Beltz und Gelberg, 1995. - 397 p. ; 20 cm. - (LeseLust)
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962. - Oorspr. Duitse uitg.: 1977.
ISBN 3-407-79675-7

Brevet til kongen : et riddereventyr / Tonke Dragt ; [ill.: Tonke Dragt] ; overs. fra hollandsk af Kirsten Rahbek. - 1. opl. - [Bagsværd] : Carlsen, 1990. - 2 dl. (247, 227 p). : ill. ; 21 cm
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962.
ISBN 87-562-4029-5 (dl. 1)
ISBN 87-562-4168-2 (dl. 2)

Kiri kuningale : seiklusjutt / Tonke Dragt ; [hollandi keelest tolkinud: Tiia Usai ; kujundanud Ene Loopere]. - Tallinn : Olion, 1995. - 309 p. : ill. ; 22 cm
Vert. van: De brief voor de koning. - Den Haag : Leopold, 1962.
ISBN 5-460-00243-5

Inhoud

Tiuri is bijna ridder. Nog een ding moet hij doen: de vierentwintig uur voor de ridderslag moet hij vasten in een kapel, en met niemand spreken.

Dan wordt er op de deur geklopt. Ondanks het verbod doet Tiuri de deur open. Een onbekende vraagt hem op hulp: hij moet een brief bezorgen. Tiuri accepteert de opdracht. Op een paard gaat hij het bos in. Maar de man aan wie hij de brief moet overhandigen is al vertrokken. Hij gaat achter hem aan, en vindt een Zwarte Ridder met een Wit Schild. Hij is stervende, en geeft Tiuri de opdracht om de brief naar koning Unauwen te brengen. Hij krijgt de ring en het paard van de Ridder mee. Direct al blijkt de opdracht gevaarlijk te zijn, want er duiken Rode Ruiters op, die hem volgen. Tiuri slaat op de vlucht.

Hij is bang om de Eerste Grote Weg naar het Rijk van Unauwen te nemen, daarom blijft hij in het bos. Hij komt Marius, de Dwaas van de Boshut, tegen. Deze geeft hem wat eten mee. 's Nachts wordt Tiuri overvallen door rovers. Deze nemen hem zijn paard af. Lopend door het bos ziet Tiuri later dat de rovers gevangen worden door vier Grauwe Ridders. Deze ridders zitten ook achter hem aan. In een klooster is hij voor een nacht veilig, maar hij moet verder. De abt gelooft dat hij onschuldig is, en geeft hem als vermomming een monnikspij mee.

Zo komt Tiuri aan bij het Kasteel Mistrinaut, waar hij kan overnachten. Maar 's ochtends mag hij niet weg. De Grauwe Ridders zijn gearriveerd, en ontmaskeren hem. Ze zetten hem gevangen in een torenkamer. Tiuri begrijpt het niet goed: wat moeten ze van hem? De burchtheer en zijn dochter Lavinia lijken het ook niet goed te begrijpen. Allebei komen ze hem wapens brengen, zodat hij zich tegen de vier Ridders kan verdedigen. Door al het bezoek is hij niet in staat de brief te lezen. De wapens kan hij goed gebruiken, want ze vallen hem aan. Tiuri krijgt hen aan het praten, en hij kan vertellen wat hij weet. Ze dachten dat hij de moordenaar van de Zwarte Ridder was. Ze verzoenen zich. De Ridder met het Witte Schild, Edwinem, was een goede vriend van de vier Ridders. Hij is afkomstig uit het Rijk van Unauwen. Tiuri kan hen de vier Ridders niet de opdracht van Ridder Edwinem vertellen, maar ze begeleiden hem toch een stuk.

De weg langs de Blauwe Rivier wordt daardoor snel afgelegd. Van Ridder Ristridin en Ridder Ewijn hoort Tiuri veel over Ridder Edwinem, en over het Rijk waar die vandaan komt. Koning Unauwen heeft twee zonen, een tweeling. Maar de jongste was jaloers op zijn oudere broer, die de troonopvolger is. De jongste Prins heeft Eviellan veroverd, en zichzelf tot koning uitgeroepen. Er is vijandschap tussen Unauwen en Eviellan, al zijn er geruchten dat vrede op komst is. Edwinem was een gezant die naar Eviellan ging. Op de heenweg kwam hij langs het kasteel van Ristridin. Edwinem vertrouwde Ristridin toe dat hij voor een valstrik vreesde. Op een avond keerde Edwinem terug, vermomd en op de vlucht. Een paar dagen later was hij dood.
Rode Ruiters overvallen het gezelschap, en Tiuri's paard Ardanwen redt Tiuri. Hij raakt slechts lichtgewond. De Ruiters worden verdreven door de ridders en hun schildknapen. Besloten wordt dat Tiuri alleen verder zal gaan, op weg naar de kluizenaar Menaures. Edwinem heeft hem verteld dat deze hem over de bergen zal gidsen. Ristridins schildknaap gaat op Ardanwen rijden, en zo hopen ze de Ruiters en wie er nog meer achter Tiuri aanzitten, te misleiden.

Tiuri gaat verder in monnikspij. Maar lang is hij niet alleen. De reiziger Jaro haalt hem in, en blijft bij hem, al vindt Tiuri dat niet echt prettig. Bij een kloof struikelt Jaro, en Tiuri redt hem als hij aan een tak blijft hangen. Ze bereiken de kluizenaar Menaures en zijn hulpje Piak. Menaures is de eerste aan wie Tiuri over de brief en zijn opdracht vertelt. Menaures zelf is te oud om over de bergen te klimmen, maar hij biedt de hulp van Piak aan. Als ze net op weg zijn, bekent Jaro dat hij een Rode Ruiter is, en de dag ervoor probeerde Tiuri te doden. Omdat Tiuri hem gered heeft, kan hij dat niet meer. Hij waarschuwt hem voor de andere Ruiters, en speciaal voor Slupor, een hele goede spion. Piak heeft alles gehoord, waardoor Tiuri's opdracht ook een beetje die van Piak wordt. In de bergen stuiten ze op mist, en op sneeuw. Dan ziet Tiuri voor het eerst het Rijk van Unauwen. In dat Rijk logeren ze bij een oom en tante van Piak.

Met een boer rijden ze mee naar de stad Dangria, waar het markt is. Als de jongens in de stad rondlopen, komt een poortwachter hen vertellen dat de Burgemeester hen wil spreken. Hij biedt hen zijn gastvrijheid aan, maar als ze zeggen dat ze verder willen, wordt hij boos en wil hen gevangen nemen. Piak doet alsof hij de brief heeft en rent weg. Tiuri verschanst zich in een kamer in het stadhuis, leert de brief uit zijn hoofd, en vernietigt hem. Hij ontsnapt uit het stadhuis, maar Piak is wel gevangen genomen. Verschillende mensen steunen Tiuri: ze hebben een hekel aan de Burgemeester, en vinden het niet goed dat hij Piak zomaar gevangen houdt. Ze beraden zich op een actie om Piak vrij te krijgen. Die avond is er een vergadering van de Burgemeester en de Raad, waarop ook burgers hun zegje mogen doen. Het volk kiest de kant van Tiuri en de zijnen, en de Burgemeester moet Piak vrijlaten. 's Nachts glippen ze de stad uit, en gaan verder naar het westen. Bij de Regenboogrivier kunnen ze niet verder: als ze naar de overkant willen, moeten ze tol betalen, maar ze hebben niet genoeg geld. Ze huren een bootje, maar in de wilde stroom zinkt dat, en ze komen op een eilandje in de rivier terecht. In die nacht leert Tiuri aan Piak ook de geheimzinnige woorden uit de brief. 's Ochtends worden ze opgepikt en in de gevangenis geworpen. Tiuri spreekt met de Tolheer, en laat de ring zien die hij van Edwinem heeft gehad: alleen de trouwste paladijnen van Koning Unauwen hebben zo'n ring. Ook de Tolheer blijkt er een te hebben. De Tolheer besluit hem te vertrouwen, en laat de jongens gaan: ze mogen de tolbrug over.

Ze reizen zo snel mogelijk. Op een nacht vinden ze in de Maanheuvels de schrijver van de Burgemeester van Dangria - gedood door een pijl. Is dat het werk van Slupor? Gelukkig heeft de Tolheer enkele ruiters gestuurd om hen verder te begeleiden. Het lijkt er inderdaad op dat Slupor hen achtervolgt. Verschillende mensen hebben hem gezien, of zeggen hem gezien te hebben. Gelukkig krijgen ze bericht dat hij gevangen is genomen. De ruiters laten de jongens alleen verder gaan. Eindelijk bereiken ze dan de Stad van Unauwen. Bij de poort staat een bedelaar die Tiuri aanvalt: Slupor! Ze vechten, tot Tiuri hulp krijgt. Slupor wordt gepakt. Tiuri en Piak worden toegelaten tot Koning Unauwen, voor wie ze de boodschap uit de brief opzeggen. De opdracht is volbracht. Ze kunnen uitrusten, en maken kennis met de nar Tirillo. Ze moeten getuigen tegen Slupor: deze blijkt allerlei valse aanwijzingen te hebben verspreid. Hij minacht Tiuri, en brengt deze daarmee in verwarring: is het wel zo goed wat hij heeft gedaan? De Koning geeft aan Tiuri en Piak zwaarden en ringen, als dank. Een dag later maakt de Koning bekend wat er in de brief stond: de Vorst van Eviellan zou vrede aanbieden, maar dat was een valstrik. Het was de bedoeling dat daarna zijn tweelingbroer gedood zou worden, zodat de Vorst zelf de Koning van Unauwen zou worden. Daarna willen de jongens al snel terug.

De terugweg gaat een stuk makkelijker: ze hoeven niet heimelijk te reizen, en er is niemand meer die hen tegenwerkt. Ze ontmoeten een aantal mensen die ze ook op de heenweg hebben gezien: de Tolheer, de mensen in Dangria, de mensen aan de voet van de bergen, Menaures (die een broer blijkt te zijn van Koning Unauwen). En nu kunnen ze eindelijk aan iedereen vertellen wat hun opdracht was. Hoewel ze hebben afgesproken dat Piak mee zou gaan naar de Stad van Dagonaut, blijft Piak bij Menaures. Het is een moeilijk afscheid. Tiuri gaat alleen verder, naar Kasteel Mistrinaut, waar hij zijn paard terugziet. Onderweg ontmoet hij Ridder Ristridin. De Grauwe Ridders zijn uit elkaar. Ristridin zal binnenkort naar het Wilde Woud gaan. Ook ziet Tiuri de Dwaas weer. Tiuri gaat naar de Koning om verantwoording af te leggen over zijn daden. Koning Dagonaut wijst hem erop dat door weg te lopen, hij zijn ridderslag is misgelopen. Tiuri aanvaardt dat, hoewel hij hoopte alsnog tot ridder te worden geslagen. Maar hij beseft dat hij altijd wat goeds kan doen, ook al is hij geen ridder. Maar later slaat de Koning hem toch tot Ridder, want hij heeft getoond een Ridder te zijn. Die avond verlaat Tiuri het hof, om zijn nachtwake af te maken. Bij zonsopgang ziet hij Piak weer, die is gekomen om zijn schildknaap te worden. Schildknaap, vriend, reisgenoot, gids... Samen gaan ze terug naar de Stad van Dagonaut.

Laatste wijziging:
18 oktober 2015