De Bonte Pijper

Verschenen in:

De trapeze, deel 8

op pagina 7-23.

En later ook in:

Leopold's schrikkelboek 1984

op pagina 123-139.

Inhoud

Hij was van ver gekomen, onder het licht van de sterren. De man loopt door de stad, maar hij vindt het maar vreemd. De huizen zien er raar uit, mensen kijken naar een glazen venster, er rijden vreemde voertuigen rond. Na een poosje begrijpt hij het. Hij gaat naar het gemeentehuis, waar de gemeenteraad net aan het vergaderen is over de verkeersoverlast. De raad komt er niet uit, maar de man, die zich de Bonte Pijper noemt, biedt aan om hen te bevrijden van het verkeer - zoals hij Hameln vele eeuwen geleden al bevrijdde van de ratten. Hij vraagt het hele budget voor verkeerszaken, en de raad accepteert dat. De volgende ochtend, tijdens het spitsuur, bespeelt de Bonte Pijper zijn fluit. Alle auto's volgen hem, de stad uit. Er ontstaat een grote kettingbotsing. Alle auto's raken vernield, maar niemand is gewond. De mensen zijn woedend, de gemeenteraad ook. Ze willen de Bonte Pijper zijn beloning niet geven. Maar een wethouder herinnert zich Hameln, en de kinderen worden goed in de gaten gehouden. Een poosje. Na een tijdje slaat de Bonte Pijper toe. Hij speelt, maar er is geen kind dat hem volgt. Iedereen kijkt naar de televisie. Als de Bonte Pijper dat begrijpt, begint hij voor de antennes te spelen. Op de televisie komen vreemde kleuren, en de kinderen gaan er dingen in zien: sprookjestaferelen. En een berg, waar een stoet kinderen naar toe loopt. Dan springen alle televisies kapot, en de kinderen gaan de straat op, de Bonte Pijper achterna. De burgemeester gaat hen achterna, maar de Bonte Pijper was toch op weg naar nergens: er bestaan geen eenzame plaatsen meer, geen avontuur. Hij laat de kinderen weer gaan, ze kunnen veilig spelen in de straten. Maar hij belooft dat hij terug zal komen.

Illustraties

In De trapeze: 3 zwart/wit illustraties van Tonke Dragt.

Laatste wijziging:
21 december 2011