De Romeinen. En toen?

De Romeinen heersten honderden jaren lang over een groot deel van Europa. Het is dan ook niet vreemd dat er aardig wat kinderboeken zijn die spelen in de Romeinse tijd. Rosemary Sutcliff is een van de beste schrijvers over die tijd, misschien wel gewoon dé beste. Jammer genoeg zijn haar boeken alleen nog tweedehands te krijgen.

Over de Romeinen in Engeland schreef ze verschillende boeken. In veel van die boeken komt een man voor die ‘Aquila’ in zijn naam heeft. Deze boeken spelen in de 2e tot de 5e eeuw na Christus en de personages zijn familie van elkaar, zodat de boeken losjes met elkaar zijn verbonden. Ze zijn ook los van elkaar te lezen.

Haar bekendste boek is De adelaar van het Negende, dat ook verfilmd werd. Het is oorspronkelijk verschenen in 1954 en de eerste Nederlandse vertaling (van Miep Diekmann) verscheen in 1965. In het boek gaat Marcus Flavius Aquila, de aanvoerder van een legioen, op zoek naar de adelaar van het legioen van zijn vader. Dat legioen is nooit teruggekeerd uit het noorden van Brittannië.

Door de boeken van Rosemary Sutcliff krijg je een goed beeld van de opkomst en ondergang van de Romeinen in Brittannië.

Verschillende boeken spelen in Pompeï in het jaar 79. Zoals De slavenring van Simone van der Vlugt, dat dit jaar herdrukt werd. De Germaan Folkrad is gevangen genomen en werkt als slaaf in een villa. Door zijn ogen zie je het dagelijks leven in het Romeinse Rijk. Op het eind van het boek dreigt de Vesuvius uit te barsten.

Thijs Goverde is vooral bekend door avonturenverhalen die meestal in het heden spelen. Vanwege het 2000-jarig bestaan van Nijmegen schreef hij Het bloed van de verraders, dat speelt in Batavodorum (Nijmegen) in het jaar 105. Ook van dit verhaal maakt hij een spannend avonturenverhaal.

Gladiatoren zijn de laatste jaren een populair onderwerp. Van Simon Scarrow verschenen vier boeken over Marcus, die in 61 voor Christus in een gladiatorenschool terecht komt, nadat zijn vader vermoord is en zijn moeder tot slaaf is gemaakt. Hij wil haar bevrijden, maar daarvoor moet hij natuurlijk wel zorgen dat hij zelf overleeft. Dat zorgt voor spannende avonturen.

De vrouwelijke tegenhanger van Marcus is Fallon, een prinses van een stam die gevangen is genomen en ook op een gladiatorenschool belandt, zo rond diezelfde tijd. Er verschenen tot nu toe twee delen in deze serie van Lesley Livingston.


61 voor Christus Vechten voor vrijheid / Simon Scarrow 11+ (Gottmer, 2011; vert. uit het Engels door Maria Postema)

46 voor Christus Onverschrokken / Lesley Livingston 15+ (Van Goor, 2017; vert. uit het Engels door Mireille Vroege)

77 – 79 De slavenring / Simone van der Vlugt 13+ (Lemniscaat, 2003)

* 105 Het bloed van de verraders / Thijs Goverde 10+ (Holland, 2005; illustraties Martijn van der Linden)

* 130 De adelaar van het Negende / Rosemary Sutcliff 13+ (Leopold, 1965; vert. uit het Engels door Miep Diekmann; illustraties C. Walter Hodges)

* 292 – 295 De zilveren tak / Rosemary Sutcliff 13+ (Leopold, 1968; vert. uit het Engels door Ruth Wolf; illustraties Charles Keeping)

* 343 De omweg naar de keizer / Rosemary Sutcliff 13+ (Leopold, 1988; vert. uit het Engels door Tineke Leiker; illustraties Dick de Wilde)

* 446 – 464 De lantaarndragers / Rosemary Sutcliff 13+ (Leopold, 1972; vert. uit het Engels door Ruth Wolf; illustraties Dick de Wilde)

Boeken met een * ervoor zijn alleen nog tweedehands te krijgen. De andere boeken zijn nog wel te koop in de (kinder)boekhandel, soms alleen als e-book.

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Jeugdherinneringen. En toen?

Waarschijnlijk bevatten heel veel kinderboeken op de een of andere manier jeugdherinneringen van de auteur. Het gebeurt alleen niet zo heel vaak dat de boeken alleen maar bestaan uit jeugdherinneringen. Vandaag bespreek ik twee verrukkelijke reeksen waarin jeugdherinneringen uit de jaren ’40 en ’50 van de vorige eeuw worden opgehaald. In allebei de reeksen zijn de gebeurtenissen niet zo heel spectaculair. Het gaat meer om de dingen die in het hoofd van de hoofdpersonen gebeuren.

Rita Verschuur (1935) schreef acht boeken over haar jeugd tussen 1940 en 1950. Ze staan vol met kleine, rake observaties door de jonge Rita van de wereld om haar heen. Het eerste boek, Hoe moet dat nu met die papillotten, speelt in de oorlog, in Overveen (Noord-Holland). Ze was toen tussen de 4 en 9, dus het gaat niet zo zeer over de oorlog, maar meer over de dingen die binnen het gezin gebeuren.

Het tweede deel speelt in de jaren na de oorlog. Haar ouders scheiden, en Rita moet er aan wennen dat ze nu deel uitmaakt van twee gezinnen.

In 1948 gaat ze enige tijd logeren bij onbekende familie in Zweden. Het valt haar op dat daar sommige dingen heel anders gaan dan in Nederland. Datzelfde jaar komt haar Zweedse nichtje naar Nederland. Daarover gaan de volgende twee boeken.

De eerste vier delen horen echt bij elkaar. Ze worden chronologisch verteld en hebben allemaal omslagen van Marit Törnqvist die duidelijk overeenkomen.

Daarna verschenen nog vier delen, die wat meer thematisch zijn, en in chronologie wat heen en weer springen in de tijd. Ze spelen tussen 1947 en 1950.

De jeugdherinneringen van Henri Van Daele (1946 – 2010) beginnen in 1954, met Een huis in de Rij. Hij beschrijft zijn geboortedorp Zele (Oost-Vlaanderen) met humor en liefde, net als zijn familie en de mensen in het dorp.

In het tweede deel draait het om een fantasievriendje, in het derde deel komt Henri in een tehuis. In deel vijf gaat het over de puberteit. Deel zes (Gent, toen de dagen trager waren) verscheen niet als afzonderlijk boek, maar werd opgenomen in een bundeling van de eerste vijf boeken. In dit deel beschrijft hij zijn studententijd in Gent.

Ook hier verschenen na deze boeken nog meer autobiografische boeken, die in diezelfde periode spelen, maar wat meer rond een bepaald personage draaien.

Voor beide series geldt: ze bieden meer dan duizend pagina’s aan leesplezier, de wereld wordt bekeken door de ogen van een kind, maar door het lage tempo en de andere tijd zijn ze misschien wel het fijnste voor volwassenen.


* 1940 – 1945 Hoe moet dat nu met die papillotten / Rita Verschuur 9+ (Van Goor, 1993)
* 1945 – 1948 Mijn hersens draaien rondjes / Rita Verschuur 11+ (Van Goor, 1994)
* 1948 Vreemd land / Rita Verschuur 11+ (Van Goor, 1995)
* 1948 Hoofdbagage / Rita Verschuur 11+ (Van Goor, 1996)

* 1947 Jubeltenen / Rita Verschuur 9+ (Van Goor, 1998)

* 1947 De prijs / Rita Verschuur 10+ (Van Goor, 2001)

* 1949 – 1950 De driehoeksdans / Rita Verschuur 12+ (Van Goor, 2004)

* 1947 – 1948 Moeder en God en ik / Rita Verschuur 10+ (Van Goor, 2005)

* 1954 – 1968 Een tuin om in te spelen / Henri Van Daele 12+ (Lannoo, 1995). Bevat: Een huis in de Rij; En toen kwam Snorrebaas; Een huis met een Poort en een Park; Het Land achter den Tuymelaer; En Appels aan de overkant; Gent, toen de dagen trager waren.

Boeken met een * ervoor zijn alleen nog tweedehands te krijgen. De andere boeken zijn nog wel te koop in de (kinder)boekhandel, soms alleen als e-book.

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Op reis door de tijd. En toen?

Wie een historisch kinderboek leest, reist vanzelf een beetje door de tijd. Je maakt kennis met een ander tijdperk, en ziet hoe de mensen toen leefden.

Soms reizen de personages in de boeken zelf door de tijd. Dat kan een mooi effect opleveren: mensen van nu zien hoe het er toen aan toeging, en vergelijken hun eigen leven met het leven vroeger. Daardoor krijg je een goed beeld van de verschillen.

Het bekendste boek dat deze truc toepast, is natuurlijk Kruistocht in spijkerbroek van Thea Beckman. Het boek zelf is inmiddels ook bezig met een indrukwekkende reis door de tijd. Het is bijna een halve eeuw oud, bijna honderd keer herdrukt en het is nog steeds te vinden in (kinder)boekwinkels en bibliotheken.

In het boek reist Dolf vanuit 1972 naar 1212. Door een ongelukkig toeval kan hij niet terug naar zijn eigen tijd en sluit hij zich aan bij een kinderkruistocht. Duizenden kinderen zijn op weg naar het Heilige Land om het te bevrijden van de ongelovigen.

Het is een ongeorganiseerde bende, en Dolf gebruikt zijn kennis uit de twintigste eeuw om alles in goede banen te leiden.

Onderweg komen Dolf en de kinderen veel moeilijkheden en tegenslagen tegen, en dat maakt het boek een meeslepend avonturenverhaal.

Als je meer wilt weten over de Middeleeuwen, kun je een tijdreis boeken bij Chrono BV. Nou ja, dat kan als je in de 22e eeuw leeft. Chrono BV biedt tijdreizen aan naar diverse tijdperken en geeft daar ook handige reisgidsjes bij uit. Handboeken voor historiehoppers, noemen ze die zelf. Zo zijn er ook gidsen voor het oude Griekenland en het oude Rome.

Het zijn grappige gidsen, die je tippen over waar je heen moet gaan om getuige te zijn van spannende gebeurtenissen. Het gaat dan vooral over spectaculaire dingen zoals oorlogen, veldslagen, moorden en complotten. Toch steek je daarbij stiekem wel een heleboel op.

Julia’s reis van Finn Zetterholm is een stuk rustiger. Julia kan via schilderijen door de tijd reizen. Zo belandt ze in zes verschillende tijden (1658, 1657, 1505, 1876, 1838 en 1935), waar ze de schilders ontmoet en praat met de mensen die op de schilderijen zijn afgebeeld.

Ook in de twee vervolgdelen, Julia’s verdwijning, en Julia’s ontsnapping, reist Julia door de tijd.

Een heel bijzondere manier om terug in de tijd te reizen ontdekt Roly in De duik van Sjoerd Kuyper. Door tussen de pontons van de brug in Willemstad op Curaçao te zwemmen, komt hij in het verleden. Zo gaat hij honderd jaar terug in de tijd. Daar gaat hij op zoek naar zijn verdwenen vader.

De duik is niet alleen een boek over tijdreizen, het is veel meer. Ieder hoofdstuk is geschreven in een andere stijl en het boek is prachtig geïllustreerd door Sanne te Loo.


Kruistocht in spijkerbroek / Thea Beckman 12+ (Lemniscaat, 1973)

Julia’s reis : een magisch kunstavontuur / Finn Zetterholm 12+ (De Fontein, 2009; vert. uit het Zweeds: Erica Weeda)

De duik / Sjoerd Kuyper 10+ (Lemniscaat, 2014; illustraties Sanne te Loo)

De middeleeuwen : wat en #hoedan / Jonathan W. Stokes 10+ (De Fontein, 2020; vert. uit het Engels door Anne Douqué; illustraties van Xavier Bonet) Handboek voor historiehoppers

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Schoorsteenvegers. En toen?

Een van mijn favoriete kinderboeken is Levende bezems van Lisa Tetzner. Het staat al heel wat jaren in mijn boekenkast en van tijd tot tijd herlees ik het. Het is al oud: het boek is oorspronkelijk uit 1941, de eerste Nederlandse vertaling is van tien jaar later. Het boek verscheen toen als vier losse delen, vanaf de tweede druk in 1956 werden deze delen verzameld in één boek.

Ik heb de zevende druk uit 1986, met illustraties van George van Raemdonck. Vanaf de negende druk (2003) is de tekst grondig bewerkt en ingekort, en maakte Annet Schaap de illustraties. Ik heb dus nog de oorspronkelijke pil, met bijna 400 bladzijden, veel kleine letters op een volle bladzijde en veel beschrijvingen. Ik begrijp wel dat het boek ingekort is, al blijft het fijn om te lezen.

Levende bezems is een echte tranentrekker, over armoede, honger en kinderarbeid. Giorgio uit Zwitserland wordt in 1838 door zijn vader verkocht aan een Italiaanse schoorsteenveger, ‘de man met het litteken’. Die laat hem keihard werken en behandelt hem slecht. Net als zijn lotgenoten moet Giorgio door schoorstenen kruipen om die schoon te maken. Hij is dus echt een levende bezem.

Zoals het hoort bij dit soort boeken loopt het na veel ellende uiteindelijk toch allemaal goed af.

Vorig jaar verscheen De Veger van de Canadees Jonathan Auxier, en dat boek doet regelmatig aan Levende bezems denken. Het speelt iets later (1874-1875) in Londen, maar opnieuw gaat het over kinderarbeid, armoede en ellende. Wat het boek anders maakt, is dat het daarnaast een minder realistisch tintje heeft.

Nan Mus heeft een roetje, dat uitgroeit tot een golem, die haar helpt. Dit boek is bijna even dik als Levende bezems, al heeft het minder woorden. En ook dit is een spannend avontuur dat je in een ruk uit wilt lezen.


Levende bezems / Lisa Tetzner 12+ (Ploegsma, 1951; vert. uit het Duits door Annie Winkler-Vonk)

De Veger / Jonathan Auxier 10+ (Billy Bones, 2019; vert. uit het Engels door Esther Ottens; illustraties Dadu Shin)

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Het beleg van Leningrad. En toen?

Op 22 juni 1941 viel het Duitse leger de Sovjet-Unie binnen. Binnen drie maanden was het leger al in de buurt van Leningrad, een van de belangrijkste steden van het land. De Russen probeerden de mensen uit de stad te evacueren, maar door de snelle opmars van de Duitsers lukte dat maar gedeeltelijk.

Leningrad werd afgesloten van de buitenwereld. Dagelijks werd de stad beschoten, en er was een tekort aan alles.

Over de strijd om Leningrad zijn verschillende jeugdboeken geschreven. Ik bespreek er drie: een van ruim vijftig jaar geleden, een van dit jaar, en een van daar tussenin.

Boris van Jaap ter Haar verscheen voor het eerst in 1966, en is nog steeds in de boekhandel te koop. De winter is ingevallen, er is te weinig te eten en Boris heeft alleen zijn moeder nog. Die wil hem het liefst uit de stad laten evacueren, maar Boris wil bij haar blijven. Hij droomt ervan om als hij groter is, Duitse soldaten dood te schieten.

Maar dan gaat hij met zijn buurmeisje op zoek naar eten en gebeurt er iets waardoor zijn zwart-witte visie op de oorlog genuanceerd wordt.

Twee fonkelrode sterren in de blinkend witte sneeuw van Davide Morosinotto verscheen dit jaar. In dit boek is de tweeling Nadja en Viktor geëvacueerd net voordat de stad omsingeld is en de treinen niet meer rijden. Ze raken elkaar kwijt en reizen ver om elkaar te vinden.

Het boek van Morosinotto is duidelijk een boek van deze tijd: het is snel, zit vol actie en avonturen en is fraai geïllustreerd met foto’s en andere illustraties die een goed beeld geven van die tijd. Het boek van Ter Haar is veel meer ingetogen, trager, kijkt met name naar de innerlijke strijd van de hoofdpersoon.

Wat ook opvalt is dat in Boris het communisme nauwelijks een rol speelt; het is een kleinere rol dan die het geloof speelt. In het boek over Nadja en Viktor is het communisme wel heel duidelijk aanwezig, waardoor het wat echter aanvoelt.

Hoewel heel verschillend, zijn beide boeken erg de moeite waard.

Dat geldt ook voor Iedere dag telt, van de Russische Tatjana Wassilijewa. Dat boek is gebaseerd op de jeugdherinneringen van de auteur. Zij woonde in haar jonge jaren in Leningrad, zag hoe Leningrad belegerd werd, en werd toen ze dertien was gevangen genomen en naar Duitsland getransporteerd om als dwangarbeider te werken.

Alle drie de boeken zijn rauw, realistisch, en hard. Er is honger, er is geweld, mensen gaan dood. Daarmee vormen ze een aanklacht tegen de waanzin van de oorlog; dat geldt met name voor de twee oudere boeken.


Boris / Jaap ter Haar 13+ (Van Holkema & Warendorf, 1966; herdruk Ploegsma; illustraties Rien Poortvliet)

* Iedere dag telt / Tatjana Wassilijewa 12+ (Lemniscaat, 1995; vert. uit het Duits naar de oorspronkelijke Russische uitgave: Annelies Hazenberg)

Twee fonkelrode sterren in de blinkend witte sneeuw / Davide Morosinotto 12+ (Fantoom, 2020; vert. uit het Italiaans door Pieter van der Drift en Manon Smits)

Boeken met een * ervoor zijn alleen nog tweedehands te krijgen. De andere boeken zijn nog wel te koop in de (kinder)boekhandel, soms alleen als e-book.

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Recente gebeurtenissen. En toen?

De geschiedenis begint vandaag. Dingen die een seconde geleden gebeurd zijn, zijn eigenlijk al geschiedenis. Historische kinderboeken hoeven daarom niet per se heel lang geleden te spelen. De afgelopen jaren verschenen er verschillende boeken waarin een vrij recente gebeurtenis een rol speelde. Vandaag bespreek ik zes boeken die gaan over een gebeurtenis in deze eeuw.

1 januari 2000: de millenniumbug dreigt computers plat te leggen

In de aanloop naar het nieuwe millennium was er bezorgdheid of computers het op 1 januari 2000 nog wel zouden doen. Er zat een fout in oudere computers, waardoor ze dit jaartal niet aan zouden kunnen en terugspringen naar een veel eerdere datum. Dat zou voor grote problemen kunnen zorgen.

Hoe overleef ik het jaar 2000? van Francine Oomen speelt hierop in. Het is het tweede boek in de Hoe overleef ik… serie. De eerste twee delen gingen over letterlijk overleven; de delen erna werd het steeds meer figuurlijk. Het boek verscheen in 1999 en is dus een voorspelling. Achteraf bleek het allemaal wel mee te vallen.

13 mei 2000: ontploffend vuurwerk verwoest wijk in Enschede

Een enorme ontploffing verwoest een woonwijk in Enschede; 23 mensen komen om. Zeven jaar later verscheen Boem, weg! van Marcel Vaarmeijer.

11 juli 2010: Nederland speelt in de finale op het WK voetbal

Niet één, maar twee recente gebeurtenissen in Overspoeld van Gideon Samson en Julius ’t Hart. Het boek speelt zich af op de dag dat Nederland in de finale speelde, maar kijkt ook terug op de tsunami in de Indische Oceaan van 26 december 2004. Pieter was op die dag in Sri Lanka, waar hij werkte als vrijwilliger. In 2010 houdt deze ramp hem nog steeds bezig.

29 oktober 2012: orkaan Sandy legt New York plat

Emilia is in haar eentje in New York, in Honderd uur nacht van Anna Woltz. Dan vallen stroom, het mobiel netwerk en water weg. Ze moet zich zien te redden en krijgt hulp van andere kinderen. Anna Woltz was zelf in New York toen Sandy daar aan land kwam.

21 december 2012: het einde van de wereld

Omdat de Maya-kalender op deze dag ophield, wisten sommigen zeker dat de wereld zou vergaan. In Zonnestorm van Bianca Mastenbroek gaan drie kinderen hier op verschillende manieren mee om. Het boek verscheen voor 21 december, en is dus ook een voorspelling. We weten nu dat die niet klopte.

21 augustus 2017: een totale zonsverduistering in de Verenigde Staten

Nat ontmoet de kluizenaar Milo, die ongeneeslijk ziek is. Zijn laatste wens is om de totale zonsverduistering te zien. Nat gaat het regelen, in In het spoor van de eclips, van Bronagh Curran.


Hoe overleef ik het jaar 2000? / Francine Oomen 9+ (Van Reemst, 1999; herdruk bij Querido. Illustraties van Annet Schaap)

* Boem, weg! / Marcel Vaarmeijer 10+ (Gottmer, 2007)

Overspoeld / Gideon Samson & Julius ’t Hart 15+ (Querido, 2014)

Honderd uur nacht / Anna Woltz 12+ (Querido, 2014)

Zonnestorm / Bianca Mastenbroek 13+ (De Vier Windstreken 2012)

In het spoor van de eclips / Bronagh Curran 13+ (Gottmer, 2016; vert. uit het Engels: Esther Ottens)

Boeken met een * ervoor zijn alleen nog tweedehands te krijgen. De andere boeken zijn nog wel te koop in de (kinder)boekhandel, soms alleen als e-book.

Dit jaar is het thema van de Kinderboekenweek En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Ver van huis in de Tweede Wereldoorlog. En toen?

Bij mijn favoriete boeken die in de Tweede Wereldoorlog spelen, zitten verschillende boeken over kinderen die voor een langere periode ergens anders gaan wonen, omdat het thuis te gevaarlijk is geworden.

Eigenlijk vertellen al die boeken meestal een beetje hetzelfde verhaal: de kinderen willen eigenlijk liever bij hun ouders blijven, ze hebben moeite om te wennen aan hun opvangouders en de nieuwe omgeving, ze missen hun ouders. Om uiteindelijk toch hun plekje te vinden.

In de boeken zijn de vluchtelingen met name joodse kinderen en kinderen uit Engelse steden. Van de joodse kinderen zijn de zussen Steffi en Nelli waarschijnlijk de bekendste. De Zweedse Annika Thor schreef vier boeken over de Oostenrijkse zusjes, die in 1939 aankomen in Zweden, waar ze op een ruig eiland bij Gothenburg ondergebracht worden. Vooral Steffi, de oudste, heeft het daar moeilijk mee. Het eenvoudige leven op het eiland verschilt enorm van het leven in het mondaine Wenen.

Wat ook niet helpt, is dat de zussen ondergebracht worden in twee verschillende huizen. Nelli komt in een gezin met jonge kinderen, Steffi bij een strenge, zwijgzame vrouw met wie ze vaak alleen is, omdat de man visser is en vaak op zee. Steffi heeft moeite om aansluiting te vinden bij haar leeftijdgenoten, en ze maakt zich zorgen over hoe het gaat met haar ouders.

De vier boeken omspannen de hele Tweede Wereldoorlog. In die tijd groeien de meisjes uit tot jongvolwassenen. In Zweden is de oorlog meestal ver weg, waardoor de boeken het vooral moeten hebben van de innerlijke groei van de personages.

Ook in Liverpool Street van de Duitse Anne Voorhoeve wil het gezin van de joodse Ziska weg uit nazi-Duitsland. Maar alleen Ziska kan mee met een kindertransport naar Engeland. Ze wordt ondergebracht in een joods gezin in Londen. Omdat haar ouders geen belijdende joden zijn, is ook dat erg wennen voor Ziska. Uiteindelijk raakt ze toch gehecht aan haar pleegmoeder, maar ze vindt het heel moeilijk om te kiezen tussen haar echte moeder en haar pleegmoeder. Dat zorgt voor talrijke ontroerende momenten.

Bijzonder is dat een ander boek van Anne Voorhoeve, Nanking Road, een alternatieve geschiedenis vertelt: in dat boek lukt het Ziska’s gezin wel om samen te vluchten, en ze belanden in Shanghai. Ook mooi, net zo dik, maar niet zo ijzersterk als het eerste boek.

En dan zijn er de kinderen die vanuit Engelse steden naar het platteland of zelfs naar het buitenland gestuurd werden tijdens de Duitse bombardementen aan het begin van de oorlog.

Een oudje in het genre is Carry’s kleine oorlog, van Nina Bawden. Dat boek is gebaseerd op de ervaringen van de auteur, die in de oorlog bij verschillende gastgezinnen in Wales verbleef. In het boek gaat het vooral over de dingen die de hoofdpersoon Carry in Wales meemaakte, en minder over de oorlog.

Norah en Gavin komen in De hemel valt van Kit Pearson vanuit Engeland zelfs helemaal in Canada terecht.

Recenter zijn de boeken van Kimberly Brubaker Bradley over Ada en haar broertje Jamie. Waar de meeste andere kinderen moeite hebben om hun ouders achter te laten, is dat niet zo bij Ada. Ze heeft een klompvoet en is daardoor haar hele leven door haar moeder mishandeld en weggestopt. Op het platteland gaat Susan heel anders met haar om, en Ada moet erg wennen aan allerlei nieuwe emoties.

Het tweede deel gaat verder waar het eerste deel ophoudt.


* 1939 – 1940 Een eiland in zee / Annika Thor 11+ (Lemniscaat, 2000; vert. uit het Zweeds Emmy Weehuizen-Deelder)
* 1940 – 1941 De lelievijver / Annika Thor 11+ (Lemniscaat, 2001; vert. uit het Zweeds Emmy Weehuizen-Deelder)
* 1943 De donkere diepte / Annika Thor 12+ (Lemniscaat, 2002; vert. uit het Zweeds Emmy Weehuizen-Deelder)
* 1945 Op open water / Annika Thor 12+ (Lemniscaat, 2002; vert. uit het Zweeds Emmy Weehuizen-Deelder)

1938 – 1945 Liverpool Street / Anne Voorhoeve 15+ (Callenbach, Davidsfonds Infodok, 2010; vert. uit het Duits: Hilke Makkink)
1938 – 1946 Nanking Road / Anne Voorhoeve 15+ (Callenbach, 2015; vert. uit het Duits: Hilke Makkink)

* 1940 Carry’s kleine oorlog / Nina Bawden 10+ (Querido, 1980; vert. uit het Engels: Maydo van Marwijk Kooy)

* 1940 De hemel valt / Kit Pearson 10+ (Jenny de Jonge, 1991; vert. uit het Engels: Nicolette Hoekmeijer; ill. Patsy Backx)

1939 – 1940 De oorlog die mijn leven redde / Kimberly Brubaker Bradley 9+ (Callenbach, 2017; vert. uit het Engels: Ernst Bergboer)
1940 – 1943 De oorlog die ik eindelijk won / Kimberly Brubaker Bradley 9+ (KokBoekencentrum, 2010; vert. uit het Engels: Ernst Bergboer)

Boeken met een * ervoor zijn alleen nog tweedehands te krijgen. De andere boeken zijn nog wel te koop in de (kinder)boekhandel, soms alleen als e-book.

Vandaag begint de Kinderboekenweek. Dit jaar is het thema En toen? Tijdens de hele Kinderboekenweek geef ik daarom tips over kinder- en jeugdboeken die in het verleden spelen. Elke dag staat een bepaald thema of een tijdperk centraal. Daarbij ga ik kriskras door de geschiedenis, en bespreek ik zowel oudere als recente boeken. Voor alle leeftijden, maar vooral voor de wat oudere kinderen, vanaf een jaar of 9.

Welke boeken zijn vertaald uit het Chinees?

Annelous Stiggelbout, vertaler van Chinese literatuur, vroeg me welke kinderboeken vertaald zijn uit het Chinees. Zelf kende ze er zeven.

Zoals wel vaker maakte ik voor het antwoord gebruik van het Centraal Bestand Kinderboeken. Daarin is heel veel te vinden, op veel verschillende manieren. Je moet je er vaak wel een beetje in verdiepen.

Met de zoekvraag twv=chi OR twv=chn vind je 84 titels. Die lijst kun je nog verder verkleinen door te kiezen voor taalcode Nederlands. Dan blijven er 32 titels over. Deze lijst is overigens niet compleet, laat Annelous weten: ze vertaalde zelf Waar is de baby? en De zwarte kat van Cao Wenxuan (Leonon Kinderboeken, 2019), en die titels ontbreken in de lijst.

Vervolgens vroeg ze me naar de ontvangst van Chinese kinderboeken in Nederland. Dat is een wat subjectieve vraag. Mijn idee is dat aan deze boeken nauwelijks aandacht is besteed. Verschillende boeken verschenen ook bij mij onbekende uitgevers.

Hoe gaat het nu met “Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan”?

“Ik heb het nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan” – Pippi Langkous heeft dat nooit gezegd. Eind 2018 schreef ik daar een blog over en het stuk werd een hit. Inmiddels is dat bericht ruim 30.000 keer bekeken.

Er kwamen reacties. Mensen weten zeker dat Pippi het gezegd heeft. In de serie, of in een film. Maar niemand komt ooit met een link naar een video waarin ze het ook echt zegt. Wat nog een beetje in de buurt komt (afgezien van het stuk over pianospelen in het boek – zie het eerste bericht) komt uit de tv-serie. In Pippi’s kerstfeest krijgt Pippi een trompet cadeau. Een meisje vraagt: “Kan je werkelijk trompetspelen?” en Pippi antwoordt: “Dat weet ik niet, maar het zal wel lukken want nu heb ik een trompet!”

(het fragment start op 24:45)

Ook Pippi gaat boodschappen doen werd genoemd. Op het eind zit Pippi vast in een boom. Anneke vraagt: “Kun je er werkelijk niet meer uit, Pippi?” En Pippi antwoordt: “Nou, misschien lukt het wel. Als ik het maar echt probeer!”

(het fragment start op 26:10)

Volgens een medewerker van uitgeverij Ploegsma hebben de erven Astrid Lindgren er een medewerker opgezet die lang bezig is geweest alle vertalingen, ook van verfilmingen, te screenen. Het citaat werd niet gevonden.

Het haalde ook de radio. Op 16 februari 2019 ging het in de Timur Timur Show (link werkt niet meer) over het Mandela-effect: dingen waarvan iedereen gelooft dat ze zo zijn, maar die niet blijken te kloppen. Op 1:54:45 wordt uitgelegd wat het is, en op 2:06:15 geeft iemand het voorbeeld van Pippi. In de aflevering van 2 maart 2019 (link werkt niet meer) ging het er nog een keer over (vanaf 1:05:05), omdat mensen niet willen geloven dat Pippi het niet gezegd heeft.

Gelukkig begint het ook een beetje door te dringen dat het een misquote is. Ik zie met enige regelmaat blogjes en tweets langskomen waarin mensen dat zeggen. Sylvia Witteman twitterde erover, bijvoorbeeld.

De Stichting Kinderpostzegels had een shopper met het citaat in de webshop. Die is inmiddels vervangen door een shopper met dezelfde tekst, maar zonder Pippi.

Ik ben niet de enige die zich met dit citaat bezighoudt. Ook de Deense bibliothecaris Martin Jørgensen heeft er een artikel over geschreven. Het is in het Deens, maar met een vertaalprogramma kun je het prima begrijpen.

Maar waar komt dit foutieve citaat dan vandaan?
Goede vraag! Het citaat ken ik nog maar een paar jaar, maar het lijkt wel wat ouder te zijn. Ik heb geprobeerd te zoeken met behulp van de tijdinstellingen van Google, door te zoeken voor 2000, maar dat blijkt Google niet goed aan te kunnen: er komen allemaal websites naar boven die overduidelijk van na 2000 zijn.

Hoe divers zijn kinderboeken uit 2019?

Inleiding

Hoe divers zijn Nederlandstalige kinderboeken? Zijn er voldoende mogelijkheden voor alle kinderen om zichzelf in de personages te herkennen? Zijn de boeken een goede afspiegeling van onze samenleving?

In de afgelopen jaren verschenen enkele onderzoeken naar de diversiteit van Nederlandstalige kinderboeken. Zie bijvoorbeeld deze pagina. Dat waren wetenschappelijke onderzoeken, die steeds een klein aantal kinderboeken diepgaand analyseerden.

Een onderzoek naar een groot aantal kinderboeken ontbrak nog. Daarom turfde ik van honderden Nederlandstalige kinderboeken uit 2019 hoe het zat met de verhouding jongen/meisje en hoe vaak er mensen van kleur en LHBT+-personages in voorkomen.

De boeken

Ik las 625 Nederlandstalige boeken die volgens de colofon in 2019 zijn verschenen. Naar schatting verschijnen er jaarlijks 2500 Nederlandstalige kinderboeken, dus dat is ongeveer een kwart van het totale aanbod. De boeken waren heel divers: van babyboeken, via prentenboeken en AVI-boeken tot informatieve boeken en Young Adult.

Leeftijd

Leeftijdsverdeling-625-kinderboeken-2019

Veel boeken dus voor kinderen die nog niet kunnen lezen, ook veel boeken voor de groep 8-10, minder voor jongeren. Waarschijnlijk is dat ook wel een afspiegeling van wat er verschijnt, al kan ik me voorstellen dat ik relatief weinig YA gelezen heb, omdat die gewoon meer tijd kosten en ik zoveel mogelijk boeken wilde lezen.

Landen

De 625 boeken zijn gemaakt door schrijvers en illustratoren uit 22 verschillende landen.

Landenverdeling-625-kinderboeken-2019

(doordat makers uit verschillende landen kunnen komen, is de optelsom hoger dan 625)

Veel oorspronkelijk Nederlandstalig werk dus, en veel vertaald Engelstalig.

Uitgevers

Dit zijn de uitgevers waarvan ik de meeste boeken las. Geen verrassingen hier, dit zijn allemaal grote kinderboekenuitgevers.

Uitgeversverdeling-625-kinderboeken-2019

Methodiek

Van alle boeken turfde ik zes aspecten:

  • Jongens- en meisjesnamen in de titel
  • De m/v-verhouding van de personages op de kaft
  • De kleur van de personages op de kaft
  • De m/v-verhouding in het boek
  • De kleur van de belangrijkste personages in het boek
  • LHBT+-personages in het boek

Ik maakte niet alleen een overzicht van de diversiteit in de hele groep van 625 boeken. Ik splitste de groep ook op in leeftijdscategorieën en in land van herkomst.

De titel

Het eerste (en eenvoudigste te beoordelen) waar ik naar keek was de titel, inclusief de ondertitel. Daarbij keek ik in de eerste plaats of er een jongens- of meisjesnaam in stond, of allebei. En als dat niet zo was, of er een woord in stond dat een mannelijke of vrouwelijke betekenis heeft. Bijvoorbeeld: Gooi juf in zee!, of Echte Amerikaanse jongens.

406 titels waren wat dat betreft neutraal. Van de overige 219 titels bevatten er 80 een jongensnaam, 45 hadden iets mannelijks in de titel. 14 boeken hadden beide. 49 boeken hadden een meisjesnaam, 31 iets vrouwelijks.

Op het geheel van de 625 gelezen boeken zijn dit de percentages:

  • Geen: 65,0%
  • Mannelijk: 20%
  • Gelijk: 2,2%
  • Vrouwelijk: 12,8%

Verdeling-m-v-in-titel

Het omslag

Don’t judge a book by its cover, zeggen de Engelsen, maar dat deed ik wel. Het omslag is immers het eerste wat je van een boek ziet. Ik keek of de personages op het omslag mannelijk of vrouwelijk waren.

Bij 247 boeken was dat niet vast te stellen. Vanwege een abstract ontwerp, bijvoorbeeld, of omdat er alleen dieren op het omslag staan. Of omdat er wel mensen op staan, maar niet te zien is of die mannelijk of vrouwelijk zijn.

Van de resterende 378 boeken hadden er 117 uitsluitend mannelijke personages op de voorkant. Daarnaast waren er 31 met hoofdzakelijk mannelijke personages. Bij 118 waren er (ongeveer) evenveel mannelijke als vrouwelijke personages. En op 103 boeken stonden alleen vrouwen, op 9 hoofdzakelijk vrouwen.

Afgezet tegen het geheel van 625:

  • Geen: 39,5%
  • Mannelijk: 23,7%
  • Gelijk: 18,9%
  • Vrouwelijk: 17,9%

Verdeling-m-v-op-omslag

Ook keek ik naar de kleur van de personages op het omslag.

Bij 279 boeken kon ik daar geen uitspraak over doen. In 221 gevallen omdat er geen mensen op het omslag stonden, in 58 gevallen omdat de kleur van de mensen niet vast te stellen was.

Van de resterende 346 boeken waren op 216 omslagen alle mensen wit. In nog eens 18 gevallen was de meerderheid wit. Op 54 boeken waren de mensen gemengd. In 3 gevallen was de meerderheid niet wit, en op 55 kaften was iedereen niet wit.

In percentages:

  • Geen mensen: 35,4%
  • Niet vast te stellen: 9,3%
  • Alleen wit: 34,6%
  • Hoofdzakelijk wit: 2,9%
  • Gemengd: 8,6%
  • Hoofdzakelijk niet wit: 0,5%
  • Niet wit: 8,8%

Verdeling-kleur-op-omslag

De inhoud

Tot nu toe ging het over dingen die op het omslag te vinden zijn. Ik keek ook verder, en las al die 625 boeken. Daarbij lette ik op de m/v-verhouding, op de kleur van de personages en of er LHBT+-personages in het boek voorkomen.

M/V in het boek

In 73 boeken zijn er alleen maar mannelijke hoofdpersonen. In nog eens 146 zijn ze voornamelijk mannelijk. In 254 boeken zijn de verhoudingen gelijk, in 51 boeken zijn het hoofdzakelijk vrouwelijke personages en in 49 uitsluitend vrouwelijke.

In 52 gevallen is het niet vast te stellen, omdat dat niet genoemd werd en het om dieren of niet-levende voorwerpen ging, of om informatieve boeken.

In percentages:

  • Niet vast te stellen: 8,3%
  • Uitsluitend mannelijk: 11,7%
  • Hoofdzakelijk mannelijk: 23,4%
  • Gelijk: 40,6%
  • Hoofdzakelijk vrouwelijk: 8,2%
  • Uitsluitend vrouwelijk: 7,8%

Verdeling-m-v-in-het-boek

Hier zijn dus behoorlijk grote verschillen tussen mannelijk en vrouwelijk te zien. Dat is wel een beetje raar, want bij het kijken naar de titel en de omslagillustraties waren de verschillen minder groot. Op het omslag was 23,7% mannelijk en 17,9% vrouwelijk. In het boek is de verhouding 35,1% – 16% Hoe kan dat?

Dat blijkt voor een deel te zitten in de omslagen waarbij het niet kan worden vastgesteld of de personages vrouwelijk of mannelijk zijn. Die personages blijken vaak mannelijk te zijn. 82 om precies te zijn, tegen 35 vrouwelijk. In de categorie waar het op het omslag niet te zien is of het personage mannelijk of vrouwelijk is, is het effect het grootst. Maar het geldt ook voor alle omslagen waar het aantal vrouwen gelijk of meer is: in het boek neigt de verhouding vaak toch net iets meer naar mannen.

Gedeeltelijk valt dat te verklaren door boeken die dieren als hoofdpersoon hebben. Uit eerder onderzoek (zie bijvoorbeeld dit artikel) is bekend dat dieren in kinderboeken veel vaker mannelijk zijn dan vrouwelijk. Dat blijkt dus nog steeds zo te zijn, al heb ik niet precies uitgezocht hoe het zit met de boeken uit 2019. Het geldt trouwens niet alleen voor dieren, maar ook voor niet-levende personages, zoals wolken.

Ik splitste de boeken op naar leeftijd: boeken voor kinderen die nog niet zelf kunnen lezen (0-5 jaar; in totaal 224 boeken); boeken voor kinderen op de basisschool die zelf kunnen lezen (6-12 jaar; in totaal 342 boeken); en boeken voor middelbare scholieren (13-15 jaar; in totaal 59 boeken).

Daaruit bleek dat de voorkeur voor mannelijke personages vooral bij de eerste twee categorieën ligt. Bij de boeken voor jongeren is de m/v-verhouding vrijwel in evenwicht.

Verdeling-m-v-per-leeftijdsgroep

Ik splitste ook op naar land: boeken van Nederlandse makers (263 boeken); van Belgische makers (67 boeken); en de rest (383 boeken). Omdat een boek gemaakt kan worden door mensen uit verschillende landen, is het totaal hoger dan 625.

In alle drie de groepen zijn mannelijke personages in de meerderheid. Vooral bij boeken van Belgische makers; Nederlandse makers doen het wat dat betreft beter, de overige boeken zitten er tussenin.

Verdeling-m-v-per-land

Kleur in het boek

Verder keek ik hoeveel niet-witte personages in een boek voorkomen. In een boek met plaatjes is het wat makkelijker om ze te vinden, in boeken zonder illustraties is het lastiger als het uiterlijk van de personages niet beschreven wordt.

In 139 boeken komen geen mensen voor. In de resterende 486 boeken zitten in 210 gevallen (minder dan de helft van die 486) worden geen mensen van kleur genoemd. In percentages:

  • Geen mensen: 22,2%
  • Geen mensen van kleur: 33,6%
  • Niet-witte mensen alleen in illustraties: 7,4%
  • Niet-witte bijpersonen: 7,4%
  • Enkele niet-witte personages: 18,9%
  • Alle / Meeste personages zijn niet wit: 10,6%

Verdeling-kleur-in-het-boek

Ook hier laat het omslag niet precies zien wie er in het boek gaan optreden: op 20,8% van alle omslagen staat een persoon van kleur. Terwijl in 44,2% van de boeken iemand van kleur voorkomt.

Bij het opsplitsen naar leeftijd blijken er grote verschillen te zijn tussen de drie groepen. Vooral doordat er voor de jongste groep heel veel boeken zijn zonder menselijke personages. Daardoor is het vergelijken tussen de groepen wat moeilijker, maar het is wel duidelijk dat er in boeken voor de middelbare school meer personages van kleur voorkomen dan in de boeken voor 6- tot 12-jarigen.

Verdeling-kleur-per-leeftijdsgroep

Uitgesplitst naar land is te zien dat de boeken van Belgen het witst zijn, en de boeken uit Nederland het meest gekleurd. De overige boeken zitten er tussenin.

Verdeling-kleur-per-land

LHBT+-personages in het boek

Tot slot keek ik naar LHBT+-personages in een boek. Daarvan vond ik er niet veel, terwijl ik hier niet veeleisend was. Alleen al het noemen van twee mannelijke ouders rekende ik bijvoorbeeld al mee.

  • Geen: 93,9%
  • Homoseksueel: 2,7%
  • Lesbisch: 1,9%
  • Homoseksueel & lesbisch: 0,3%
  • Lesbisch & transgender: 0,3%
  • Transgender: 0,5%
  • Biseksueel: 0,2%
  • Alle: 0,2%

Verdeling-LHBT-in-het-boek

LHBT+-personages blijken vooral in 12+-boeken voor te komen. Omdat het om zulke kleine aantallen gaat, heb ik in de grafiek de categorie ‘Geen’ weggelaten, zodat de verhouding tussen de andere staafjes duidelijker wordt. Wil je toch het complete plaatje zien, klik dan hier.

Verdeling-LHBT+-per-leeftijd

Per land opgesplitst doen Nederland en België het wat beter dan de rest. Klik hier voor het volledige plaatje.

Verdeling-LHBT+-per-land

Conclusies

Er verschijnen jaarlijks heel veel Nederlandstalige kinderboeken, rond de 2500. Vaak schetsen de boeken een beeld van onze samenleving. Altijd is dat natuurlijk maar een stukje van de samenleving.

Maar alles bij elkaar komt de wereld in de kinderboeken toch niet helemaal overeen met de echte wereld. In de echte wereld is het aantal jongens en meisjes (vrijwel) gelijk. In kinderboeken lopen beduidend meer jongens rond.

Dat begint al bij het omslag: in de titel en op het plaatje op de voorkant zul je doorgaans vaker een jongen dan een meisje zien. En als je eenmaal het boek gaat lezen, blijken jongens daar een nog grotere rol te spelen.

Bij boeken van Belgen is het verschil tussen jongens en meisjes het grootst; bij boeken van Nederlanders is het iets minder. Alleen bij boeken voor oudere kinderen is er een evenwicht tussen jongens en meisjes.

In Nederland heeft ongeveer 1 op de 7 mensen (14%) een niet-westerse achtergrond. In kinderboeken waarin mensen voorkomen, komt in minder dan de helft van de boeken geen enkel personage van kleur voor. Of kinderboeken daarmee een goede afspiegeling van de maatschappij zijn, valt moeilijk te zeggen. Veel boeken hebben meerdere personages, waarvan sommige niet wit zijn. Mijn tellingen zijn niet zo nauwkeurig dat ik hierover een uitspraak kan doen. Maar met bijna 30% van de boeken waarin een substantieel deel van de personages niet wit is, is er in ieder geval genoeg keus voor wie een boek wil met een niet-wit personage. Voor oudere kinderen is dat het makkelijkst.

Ongeveer 6% van de Nederlandse bevolking boven de 12 is homoseksueel of lesbisch. In kinderboeken komen LHBT+-personages minder vaak voor. Als ze al voorkomen, is dat vaak in boeken voor middelbare scholieren.

Over het algemeen zijn de boeken voor jongeren dus het meest divers. En als je per land kijkt, zijn de boeken van Nederlanders het meest divers.