Twee passies gaan in mijn leven niet samen – Lorna Minkman

(het stuk van Lorna Minkman van precies tien jaar geleden vind je hier)

Bij de start van 2019 staat de teller op de uitgave van 11 jeugdromans, uitgegeven bij vier verschillende uitgevers: Zwijsen, Lannoo, Clavis en De inktvis. Daar ben ik apetrots op.

Ik ben nog steeds een onbekende schrijver, maar geef ook onmiddellijk toe dat ik weinig moeite heb gedaan om een bekende schrijver te worden. In de afgelopen tien jaar is duidelijk geworden dat een schrijver vooral veel en ook op een intensieve, ludieke manier het contact moet blijven onderhouden met haar publiek. Ik zag vele collega kinderboekenschrijvers complete toneelstukken bedenken en uitvoeren waarbij sommigen zelf ook een theatraal personage aannamen. Dat paste zo niet bij mij, dat ik daar ook niet aan ben begonnen.

Ook heb ik ervaren hoe alle aandacht uit blijft gaan naar de bestsellerauteurs. Zowel bij de uitgever, als bij de media en de kinderboekenwinkels is de focus erop gericht om het laatste boek van die bestsellerauteur nóg meer onder de aandacht te brengen.

In de Edmund-bijlage van de Volkskrant van 5 januari j.l. las ik dat er in Amerika sprake is van “boekenschaarste”. Veel drukkerijen zijn de afgelopen jaren gefuseerd of gestopt vanwege de opkomst van internet. Alleen in 2018 steeg de boekenverkoop (hardcovers 3,5 procent), wat natuurlijk zeer goed nieuws is. Echter de bestsellerauteurs, zoals Michelle Obama en Bob Woodward kregen voorrang bij het drukken van hun boeken en de debutanten, zoals Halliday (Asymmetry) en Makkai (The great believers) moeten achteraan in de rij aansluiten. Hun boek is pas eind januari weer te koop.

Dus er zit niets anders op: Word een bestsellerauteur! En laten we wel wezen: je kunt de afgelopen tien jaar een hoop prachtige kinderboeken aanwijzen die in de meeste gevallen veel beter zijn geschreven dan die van de stapels waar je over struikelt als je een (digitale) boekwinkel binnenstapt. Hulde aan de uitgever die haar pijlen op die pareltjes blijft richten.

Wat is er de afgelopen tien jaar allemaal gebeurd?
Ik heb drie potentiële, uitgewerkte ideeën in een map opgeborgen. Er moest ook brood op de plank komen. Voortdurend werd ik door mijn werkgever (Fontys hogescholen) verleid om meer dagen te gaan werken om me te richten op de vernieuwingen in het onderwijs. Dus ging ik meer tijd besteden aan onderwijsinnovatie. En net als met het schrijven van een boek wordt werken echt leuk als je je gepassioneerd voelt en het idee krijgt dat er meer mensen zijn die in hetzelfde onderwerp zijn geïnteresseerd als jij.

Zoals ik tijdens het schrijven van Jongensdroom gepassioneerd met het onderwerp genderidentiteit bezig kon zijn en ook verschrikkelijk veel mensen rondom dat thema heb geïnterviewd, ontstond datzelfde fenomeen bij de ontwikkeling van ander onderwijs waarbij de student en zijn leerontwikkeling veel meer centraal komen te staan. En twee passies gaan in mijn leven niet samen.

Mijn affiniteit voor schrijven blijft. Ook in het hoger onderwijs heeft de Nederlandse taal een hoog aanzien en blijft het onder de aandacht. Jongeren lijken minder te lezen, maar ik ervaar dat ze nog steeds gefascineerd kunnen zijn door een goed verhaal. Jongeren blijven ook het schrijven zelf uitdagend te vinden en in die hoedanigheid kan ik ze goed begeleiden.

Taal blijft toch een manier waarop iemand zich kan uitdrukken en lezen een manier om jezelf te ontwikkelen als mens. De behoefte om je terug te trekken in een tekst die je aanspreekt en je laat nadenken over je eigen leven heeft mij doen besluiten om te starten met een masteropleiding filosofie. En ik sluit niet uit dat de filosofie mij uiteindelijk weer terug laat keren bij het schrijven van een bijzondere roman. Tja, wie weet wordt het nog een bestseller.

 

Lorna Minkman
7 januari 2019

Tien jaar later – Tim Gladdines

(het stuk van Tim Gladdines van precies tien jaar geleden vind je hier)

Wat me in het stukje van tien jaar terug vooral opvalt is de zelfingenomenheid ervan. En de bitterheid. Ik voelde me destijds erg miskend, en dat lees je heel goed tussen de regels door. Ik schreef veel, maar kreeg ook veel positieve, enthousiaste afwijzingen. (‘Heel mooi, maar niet voor ons fonds’) Dat vond ik moeilijk om te accepteren.

Dat gevoel van miskenning schuurt nog steeds wel eens, maar minder vaak en minder fel. Na het prentenboek Ik ben Kaat, uitvinder (Gottmer, 2007) zijn er lange tijd geen boeken van mij meer door uitgevers geaccepteerd. Ik was terug bij af en dat betekent veel schrijven en veel lovende afwijzingen incasseren. Het hoort geloof ik bij wie ik ben, als schrijver. Het is niet anders. Ik hou me vast aan mijn eigen koppigheid en drijfveer, en vaak strookt dat nou eenmaal niet bij waar een uitgever naar op zoek is. Van de weeromstuit heb ik in de loop der tijd opnieuw twee boeken in eigen beheer uitgegeven (Magneet en Dame Dollie Doet Drie Dingen), samen met Leonie Gladdines, en die titels blijven ergens in de marge van Boekenland bestaan.  Recensenten willen uitgaven in eigen beheer niet bespreken en winkels zetten ze meestal niet in de kast, behalve die ene aardige boekverkoper die je toevallig persoonlijk kent. Maar als ik moet kiezen voor géén boek en een boek in de marge, dan kies ik toch voor dat laatste.

hoe-het-kwam-dat-ik-emma-een-blauw-oog-sloegDe hoop op een bestseller heb ik inmiddels opgegeven, maar schrijven zal ik waarschijnlijk altijd blijven doen. Ik ben heel blij met alle vertalingen die ik heb mogen maken en vooral met mijn jeugdroman Hoe het kwam dat ik Emma een blauw oog sloeg, die afgelopen voorjaar bij uitgeverij Marmer verscheen, en waar ik veel positieve reacties op heb gekregen. Bovendien zit er een nieuw boek bij Marmer in de pijplijn en komt er ook een prenten-voorleesboek uit bij uitgeverij De Eenhoorn in België. Allemaal zaken waar ik heel blij van word.

Het grootste compliment vind ik de werkbeurs die ik naar aanleiding van Emma heb gekregen en waardoor ik een hele tijd kan doorwerken zonder op mijn inkomen te hoeven letten. Elk gevoel van miskenning zou hier niet op zijn plaats zijn. Wel ervaar ik enige druk omdat ik nu, nog meer dan anders, vind dat ik wel een goed boek moet afleveren. Dat komt de ontspanning niet ten goede. Maar liever werkdruk dan miskenning.

Wat kan er veel veranderen in een decennium! – Kirstin Rozema

(het stuk van Kirstin Rozema van precies tien jaar geleden vind je hier)

Almelo, 2019. Tien jaar later, tien jaar ouder en tien jaar wijzer. Wat kan er veel veranderen in een decennium!

kirstin-rozemaIk ben ondertussen 51 jaar oud geworden. De kinderen zijn (bijna) volwassen en wonen niet meer allemaal thuis. Studeren, bijna eindexamen: ze worden groot. En zo hoort het ook. Ons gezin is uitgebreid met een hond en een kat en die zijn nu vooral een inspiratiebron.

Wat heeft de tijd gebracht? Nou, ik kan gerust zeggen dat er veel gebeurd is. Ik heb ondertussen drieëntwintig kinderboeken op mijn naam staan en zeven boeken voor volwassenen. Daarnaast heb ik meegeschreven aan diverse projecten. Nog een stuk of tien doktersromannetjes erbij gemaakt en korte verhalen geschreven die ook her en der gepubliceerd zijn. Ik heb dus niet stilgezeten.

Knopen in je touw heeft destijds heel wat losgemaakt bij deze en gene. Het won bijna de Nieuwe Schrijversprijs van de Ako/Free Musketeers (ik werd tweede) en het vervolg Floorpower! was al net zo spannend. Misschien komt er ooit nog een derde deel. Die verwijzing heb ik wel gemaakt in Floorpower!. Mijn jeugdboeken spelen zich nog steeds voornamelijk af in Haaksbergen en ik vind het erg leuk om personen van het ene boek in het andere terug te laten komen. Dit jaar doe ik dat nog een keer in een spannend jeugdboek, dat we Arendsklauw hebben genoemd.

Onder de kinderboeken vallen ook rouwboekjes voor kinderen. Dat zijn themaboekjes waarin mijn illustrator Sandy Wijsbeek en ik zo goed mogelijk proberen uit te leggen wat bijvoorbeeld een crematie is of wat er gebeurt als de baby in mama’s buik niet meer leeft. Deze boekjes hebben de naam Zonder jou… Rouwboekjes voor kinderen gekregen.

Momenteel schrijf ik een feelgoodroman voor Uitgeverij Zomer & Keuning, redigeer ik een misdaadroman voor Uitgeverij Ellessy en liggen een kort verhaal en een kinderboek te wachten op de laatste hand voor beide uitgevers. Ook lees en beoordeel ik manuscripten voor uitgave. Daardoor heb ik geleerd dat je zelf kunt denken dat je het allemaal wel kunt, maar dat dit over het algemeen best tegenvalt. Je hebt toch bepaalde uitspraken, stopwoordjes of zegswijzen die voor jou heel gewoon zijn, maar waar een redacteur doorheen prikt. Ook heb ik geleerd dat een proeflezer uiterst belangrijk is. Die ziet wat jij niet meer ziet en leest het verhaal dat je schrijft fris en onbevangen. Daar wilde ik 10 jaar geleden nog niet aan. Ik dacht destijds nog de wijsheid in pacht te hebben. Hahaha… wat een illusie. En wat een rijkdom dat er mensen zijn die je zo kunnen helpen, weet ik nu. En daar ben ik erg dankbaar voor.

En hoe verging het Kirstin zelf in die tien jaar, is dan ook de vraag. Nou, niet altijd even goed. In augustus 2014 werd ik zomaar ineens getroffen door 3 herseninfarcten in circa 2 uur tijd.  Geen voortekens of wat dan ook gehad. Infarct 1 gebeurde thuis, 2 en 3 gelukkig op de Spoedeisende hulp van het ziekenhuis. Daar ben ik 6 weken druk mee geweest. Ziekenhuis, revalidatiecentrum en daarna de revalidatie in het normale leven. Leren dat je door moet gaan. Dat je niet bang mag zijn. En beseffen dat je heel, heel veel geluk hebt gehad.

Na 24 uur heb ik samen met de verpleegkundigen en de neuroloog geprobeerd of ik nog kon lezen en schrijven. Wat een opluchting dat ik dat nog kon was dat. Op dat moment besloot ik dat ik er een boek over wilde schrijven. Niet autobiografisch, maar in romanvorm. Om te waarschuwen dat het je zomaar kan overkomen. Precies een jaar later verscheen Na die nacht…. Hiermee won ik in februari 2018 de Publieksprijs van het Valentijngenootschap.

na-die-nacht

Als je het niet weet, zie je het niet, zeg ik altijd. Ik ben lichamelijk weer helemaal hersteld. Maar het is er wel, die hersenbeschadiging. Mijn correcte gevoel voor spelling is er niet meer, maar komt langzaam wel weer terug. Ik heb ADHD gekregen en ben dus druk in mijn hoofd. Daardoor moet ik mijn teksten altijd goed nakijken, want ik vergeet nog wel eens woorden of letters. Dus mocht je iets raars lezen… ik zei het je toch?! Maar ik ben ook een rasoptimist en laat me niet kennen door wat strubbelingen.

Gewoon doorgaan, is de leus. En dat doe ik dan ook graag. Als kinderboekenschrijfster, maar vooral nu als schrijfster van romans en misdaadboeken.

www.kirstinschrijft.nl

Tien jaar later – Corien Oranje

(het stuk van Corien Oranje van precies tien jaar geleden vind je hier)
corien-oranje-(foto-grotografie)
foto: Grotografie

‘Bent u de nieuwe schoonmaakster?’ vroeg een bibliothecaresse toen ik aankwam met een ragebol, een trapje en een brancard – die ik nodig had bij de voorstelling voor groep 4, die even later zou komen. Nee, ik geloof dat ik tien jaar later nog steeds een onbekende kinderboekenschrijver ben. Maar de kinderen van de scholen waar ik kom, geven het toe: er is maar één schrijver die ze zouden herkennen, en dat is Paul van Loon. O ja, en Roald Dahl natuurlijk, wat, is die al dood?

Wat een leuke tijd was dat, die maand van de Onbekende Kinderboekschrijvers, 10 jaar geleden. Ik woonde in Jakarta en ik schreef, maar het was een beetje een onbewoond eiland. Ik ontmoette geen collega’s, en mijn lezers kende ik alleen via Hyves. Dankzij de maand van de Onbekende Kinderboekenschrijvers leerde ik allemaal collega’s kennen, en dat was erg gezellig.

kampioenIs er wat veranderd in de afgelopen tien jaar? Wat mij betreft behoorlijk wat. We verhuisden van Jakarta terug naar Nederland, mijn man kreeg werk in Groningen, mijn zoons gingen naar de middelbare school en daarna aan de studie.

Ik schreef ‘Kampioen’, een boek over de elfjarige zwemmer Olivier van de Voort, een goede vriend van mijn zoons. Hij raakte na een dramatisch ongeluk met zijn pony zijn onderbeen kwijt, maar vocht zichzelf in de jaren daarna terug naar de top van de Nederlandse zwemwereld.

Dat boek is inmiddels zes keer herdrukt, was een van de kerntitels van de Kinderboekenweek 2013, en mijn hoofdpersoon ging verder waar mijn boek stopte: hij werd Europees kampioen, zwom wereldrecords en won zilver op de Paralympics van Rio.

Ik begon samen met illustrator Marja Meijer een avi-thrillerserie over juf Fiep, die zichzelf voortdurend in de nesten werkt en door de onverschrokken kinderen van groep 3 gered moet worden. Omdat ze tijdens het zwemmen in de bek van een haai terechtkomt, tijdens een boswandeling in de pan van een reus belandt, omdat ze door het ijs zakt of per ongeluk op de skischans terechtkomt. Het is een uitdaging met de beperkingen van avi-m3 een spannend verhaal te schrijven, en het is heerlijk om met Marja samen te werken.

juf-fiep

Ik merk dat ik in de afgelopen jaren minder en langzamer ben gaan schrijven. Het gaat allemaal niet meer zo makkelijk en vanzelf als tien jaar geleden. Maar ik geloof dat dat niet zo erg is.

Ik heb er daarnaast allerlei werkzaamheden bij gekregen. Ik schrijf een wekelijkse (volwassen)feuilleton voor Visie, het programmablad van de EO, en ik schrijf veel voor het Nederlands Bijbelgenootschap. Een paar keer per jaar treed ik op met een blazersensemble van Het Gelders Orkest. Ik ben dan verteller van ‘Peter, Roodkapje en de wolf’, een interactief muzikaal sprookje, waarbij de kinderen in het publiek een actieve rol krijgen.

Daarnaast kom ik veel op scholen om te vertellen over mijn boeken of om voorstellingen te geven, en ben ik sinds vier jaar Schoolschrijver.

morgen-ga-ik-echtIn het afgelopen jaar heb ik samen met illustrator Marijke ten Cate een hardloopboek voor vrouwen geschreven: ‘Morgen ga ik echt’. Marijke en ik hadden eerder samen gewerkt, en we kunnen het uitstekend met elkaar vinden. Het werd een geweldig leuk project, waarvoor ik voor de grap ben gaan hardlopen, geblesseerd raakte, op krukken bij de fysio terechtkwam, opnieuw begon op te bouwen, steeds fanatieker werd, kilo’s kwijtraakte en ontdekte dat hardlopen best leuk is, en dat zelfs ik het blijkbaar kan. We hadden toen we met ons project begonnen nog geen uitgever en geen redacteur, en dat was even omschakelen. ‘Ga eerst maar eens door,’ zei de redacteur van een uitgeverij ergens in het westen. ‘Dan kijken we later wel of het wat voor ons is.’

Wat? O ja. Zo werkt het als je geen uitgever hebt…

Maar ons boek vond al snel een warm thuis bij uitgeverij Kok, kreeg recensies in Margriet en Runners’ World, en wordt inmiddels in het Hongaars en Fins vertaald.

Bekender? Geen idee. Maar als ik terugkijk op de afgelopen tien jaar zie ik een heleboel geweldige mensen met wie ik heb samengewerkt, ik zie al die kinderen die ik ontmoet heb, en ik zie de boeken die ik heb kunnen schrijven. En ik denk dat ik het beste beroep van de wereld heb. De komende tien jaar ga ik nog even door.

Een decennium als een rollercoaster – Inge Bergh

(het stuk van Inge Bergh en Inge Misschaert van precies tien jaar geleden vind je hier)

Toen de vraag kwam om te beschrijven hoe het mij als schrijfster de voorbije tien jaar is vergaan moest ik echt even op mijn eigen website kijken.

Ik heb de voorbije tien jaar namelijk heel veel geschreven.

Eigenlijk heb ik gewoon alles wat ik leuk vind aangepakt. Of het nu alleen was of samen met iemand anders. En ik scheef naast mijn eigen boeken ook best vaak boeken in opdracht.

Met Inge Misschaert schreef ik bijvoorbeeld ‘Het Pak Van De Kerstman’ dat in 2011 verscheen, een jaar later werkten we in opdracht aan ‘Het Blauwe Gevaar’: een leesboek dat kinderen moet aanzetten tot beter sorteren en recycleren van afval. Daar hoort een speldoos compleet met lestips bij. Ook het boek bij het televisieprogramma ‘Dieren In Nesten’ was een opdracht waarin we allebei met veel plezier onze tanden hebben gezet.

Samen met Sylvia Vanden Heede schreef ik dan weer de non-fictie voor het boek ‘Hond Weet Alles En Wolf Niets’.  Het boek werd bekroond met een Vlag en Wimpel.

Een prijs waar ik erg trots op ben.

Ik schreef natuurlijk ook heel vaak alleen.

Voor bekende figuurtjes als de Smurfen en Suske en Wiske hertaalde en bewerkte ik verhalen tot AVI-boekjes en ik schreef educatieve leesboekjes voor het taalonderwijs. Wist je dat vanaf dit schooljaar een heleboel kinderen uit het derde leerjaar aan de slag gaan met een lesboek Nederlands waarvoor ik alle themaverhalen schreef? Ook daar ben ik erg trots op. Net als op de talen waarin mijn boeken ondertussen al werden vertaald:  Engels, Frans, Zweeds, Deens, Portugees, Koreaans, en Chinees. Dat is toch al een behoorlijk lijstje.

De voorbije tien jaar ontdekte ik dat ik enorm hou van humor in boeken. Knotsgekke situaties, woordspelletjes en –grappen, ik ben er dol op.  Ik vind het ook leuk om een humoristische draai aan een verhaal te geven. Zoals de zus die haar broer op een rommelmarkt te koop zet omdat hij op haar zenuwen werkt. (Broer Te Koop).  Een bange Tok de kip die met een ei in haar broek zit (Tok Is Het Beu). Of de man die Warre, die de weg kwijt is, de raad geeft om vooral te blijven waar hij is: zo zal hij zeker niet verdwalen (Warres Vleugels).

Na het schrijven van ‘Zie Me Dan’, dat vooral door volwassenen werd gesmaakt vanwege de mooie taal, kreeg ik veel trieste verhalen van eenzame sleutelkinderen te horen. Ze hadden zich herkend in het boek. Toen vroeg ik mij af of herkenning genoeg is? Had ik ze niet meer kunnen geven? En waarom is het vaak gemakkelijker om verdriet en ellende in mooie taal te omschrijven dan, bijvoorbeeld, geluk en levenslust?

Ik besloot dat ik lezertjes niet alleen herkenning, maar ook een mogelijkheid tot ontsnappen wil geven: vrolijkheid en ontspanning in een wereld die soms strak staat van enorm menselijk leed en onrust. Ik wil goede boeken schrijven die grappig zijn en ook een beetje spannend.  Dat waren de boeken die ik als kind zelf graag las.

Zo verscheen vorig jaar ‘Help! Ik was Op TV!’ Dat boek gaat over een meisje dat als antiheld wordt opgevoerd in een trailer voor een televisieprogramma waar ze een gloeiende hekel aan heeft. De ene ongelofelijke situatie volgt de andere op en het is nog maar de vraag hoe ze zichzelf hieruit kan redden?

Volgend najaar verschijnt trouwens: ‘Help! Mijn oom is een inbreker (en dat kostte mij bijna het leven)!’ Zoals de titel al doet vermoeden wordt ook dit een heel spannend verhaal vol verrassende gebeurtenissen.

Hoe grimmiger de wereld wordt, hoe meer warmte ik in mijn boeken stop.

Zo heb ik ‘Dit Boek Gaat Over Jou’ van kaft tot kaft gevuld met liefde en knuffels.

In de voorbije tien jaar heb ik vooral veel rust gevonden al schrijver.

Ik weet wat ik wil en wat ik waard ben en dat zorgt voor heel veel schrijfplezier.

Of ik nu bekender ben dan tien jaar geleden?

Dat durf ik te betwijfelen.

Ik heb geen prijzenkast vol geschreven en ook geen reeksen waarvoor lezers in lange rijen staan aan te schuiven. Vaak schrijf ik in opdracht en dan staat mijn naam zelfs niet altijd op de kaft vermeld.

Maar wanneer ik ergens kom en ik kijk in de boekenkast, dan ontdek ik meestal wel één of meerdere van mijn (al dan niet in opdracht geschreven) boeken op de planken.

Nu ik op de voorbije tien jaar heb teruggekeken kan ik besluiten dat ik een gelukkige schrijver ben: een contente mens om het op zijn Vlaams te zeggen.

Zijn kinderboeken duurder geworden door de BTW-verhoging?

Op 1 januari 2019 ging in Nederland het lage BTW-tarief omhoog van 6% naar 9%. Concreet betekent dat, dat een product dat eerst € 10,60 kostte, nu € 10,90 kost. Een prijsverhoging van iets minder dan 3% dus. 2,83% en nog een heleboel cijfers achter de komma, om precies te zijn. Maar laten we er voor het gemak van uitgaan dat iets van een tientje, zo’n 30 cent meer is gaan kosten.

Een kleine steekproef onder twaalf Nederlandse uitgevers
Ook voor (kinder)boeken geldt het lage BTW-tarief. Zijn kinderboeken op 1 januari dan ongeveer 3% duurder geworden? Ik nam een kleine steekproef. Ik bekeek de voorjaarsfolders uit 2018 van een twaalftal Nederlandse uitgevers, koos daaruit 3 boeken (een aan het begin, een in het midden, een aan het eind), noteerde de prijzen uit de folders, en vergeleek die met de actuele prijzen op Bol.com.

De twaalf uitgevers vertegenwoordigen een aardig deel van de markt: Leopold, Querido, Lemniscaat, Kluitman, Unieboek | Het Spectrum, Gottmer, De Fontein, Callenbach, Luitingh-Sijthoff, Ploegsma, Blossom Books, Holland.

Uitgevers houden van ronde getallen
Het overzicht van prijzen voor 1 januari laat zien dat uitgevers houden van (bijna) ronde getallen. Het merendeel van de bedragen eindigt op ,99. Bij een verhoging die precies het BTW-tarief volgt, raak je dat soort mooie getallen kwijt. Een boek van € 16,99 zou dan € 17,47 gaan kosten.

Zo te zien hebben de meeste uitgevers daarom voor een andere optie gekozen. In meer dan de helft van de gevallen zijn twee prijzen gelijk gebleven, en is een boek een Euro duurder geworden. (Het klopt ook met wat er in de FAQ van Blossom Books staat.)

Een slimme oplossing
Slim, want zo houd je die mooie ronde getallen en kom je toch op een prijsverhoging van ongeveer 2,83% uit. Dit werkt perfect als de drie boeken samen net iets meer dan € 35 kosten. In mijn steekproefjes waren de drie boeken samen meestal duurder, wat betekent dat de uitgevers iets minder verdienen dan voor de BTW-verhoging.

Een uitzondering
Er was trouwens een uitzondering: Gottmer lijkt alle boeken 1 Euro duurder te hebben gemaakt. Ik koos nog wat andere boeken uit hun voorjaarsfolder, en daar bleek het ook voor te gelden. Het maakte niet uit of het boek eerst 4,99 of 16,99 kostte: het werd in allebei de gevallen een Euro duurder. Van 4,99 naar 5,99: dat is toch wel een wat forsere stijging dan 2,83%.

Voorzichtige conclusie (want de steekproef was klein)
Kinderboeken zijn waarschijnlijk gemiddeld iets minder dan 2,83% in prijs gestegen. Als je een kinderboek koopt, heb je een aardige kans dat het boek niet duurder is geworden. Maar als het wel duurder is geworden heb je pech, want dan is het vaak wel direct flink meer dan 2,83% in prijs gestegen.

De Maand van de Onbekende Kinderboekenschrijvers – 10 jaar later

In januari 2009 organiseerde ik de Maand van de Onbekende Kinderboekenschrijvers: 31 min of meer onbekende kinderboekenschrijvers mochten op mijn weblog Jipjip zichzelf presenteren. Het was gezellig, er was rumoer, het was interessant.

Een aantal jaren later ging het platform waarop ik Jipjip publiceerde ten onder, en de Maand van de Onbekende Kinderboekenschrijvers raakte verstopt in de krochten van het internet.

Een deel van de 31 schrijvers bleef ik volgen, een deel verloor ik uit het oog. Soms vroeg ik me af hoe het met ze zou gaan. En daarom is hier, precies tien jaar na de oorspronkelijke Maand, een update.

Ik benaderde de schrijvers. Niet iedereen reageerde. Sommigen wilden om uiteenlopende redenen niet meedoen, ongeveer de helft wilde dat wel. Ik vroeg ze terug te kijken op hun stuk van tien jaar geleden, en te vertellen wat ze sinds die tijd gedaan hebben. Zijn ze nu bekender? Doen ze dingen anders dan toen?

De komende tijd zal ik stukken uit 2009 terugplaatsen op dit blog. Ik hoop dat het me lukt om de oorspronkelijke datum erbij te krijgen. Dat zijn vooral de stukken van de schrijvers, maar ook een paar stukken van mezelf. Ik zal hetzelfde schema volgen als tien jaar geleden. Op de dag dat de schrijvers in 2009 aan de beurt waren, plaats ik hun oorspronkelijke stuk, plus hun recente stuk. Omdat niet iedereen meedoet, zal er op sommige dagen niets gebeuren.

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe berichten? Elders op deze pagina vind je een knop ‘Volg’. Als je daarop klikt krijg je notificaties per e-mail. Die kun je natuurlijk op elk moment weer stopzetten.

Natuurlijk is het leuk als je reageert. Dat kan onder elk bericht, maar ook op social media. Ik zal proberen er aan te denken daar de hashtag #MvdOK10JL te gebruiken.

UPDATE: het is me gelukt om het eerste bericht uit 2009 terug te plaatsen. Alleen verschijnt het helemaal onderaan in de tijdlijn. Dat is ook wel logisch. Je kunt de oudere artikelen terugvinden met de tag MvdOK.

De eerste twee berichten vind je hier:

Wat gebeurde er in 2018?

Dit is het zeventiende kinderboekenjaaroverzicht van Kjoek. Meestal publiceer ik het overzicht pas op 1 januari – je weet immers maar nooit! – maar dit keer reserveer ik januari voor een thematische Maand.

In dit overzicht onder andere de winnaars, de opvallende boeken, de debutanten en de doden van 2018.

De winnaars

LampjeVaak zijn er in een jaar verschillende winnaars aan te wijzen, die meer dan één prijs wonnen. In 2018 is het overduidelijk wie de grote winnaar was: Annet Schaap kreeg voor Lampje alle grote prijzen: de Nienke van Hichtumprijs, de Woutertje Pieterse Prijs, de Gouden Griffel en de Boekenleeuw. Dat gebeurde nooit eerder (sinds een paar jaar is het wel makkelijker geworden, omdat ook boeken van Nederlanders de Boekenleeuw kunnen winnen).

Andere winnaars waren:

  • Gouden Penseel: Fabeldieren : over draken, eenhoorns, griffioenen en veel meer / Ludwig Volbeda (tekst van Floortje Zwigtman)
  • Boekenpauw: Het gelukkige eiland / Marit Törnqvist
  • Gouden Lijst (Nederlandstalig): Er is geen vorm waarin ik pas / Erna Sassen
  • Paard-paard-tijger-tijgerGouden Lijst (vertaald): Paard paard tijger tijger / Mette Eike Neerlin; vertaling Bernadette Custers
  • Prijs van de Nederlandse Kinderjury 6 t/m 9 jaar: De waanzinnige boomhut van 78 verdiepingen / Andy Griffiths & Terry Denton; vertaling Edward van de Vendel
  • Prijs van de Nederlandse Kinderjury 10 t/m 12 jaar: Drie keer niks / Jeff Kinney; vertaling Hanneke Majoor
  • Prijs van de Jonge Jury: Pijn / Mel Wallis de Vries
  • Thea Beckmanprijs: De reis van Syntax Bosselman / Arend van Dam

De opvallende boeken

Ik combineerde de lijstjes van Bas Maliepaard, Mirjam Noorduijn, Pjotr van Lenteren en Jaap Friso tot een top 10 van beste boeken uit 2018:

  • Jij begint / Kees Spiering
  • ZebZeb / Gideon Samson
  • Laat een boodschap achter in het zand / Bibi Dumon Tak & Annemarie van Haeringen
  • Ze gaan er met je neus vandoor / Ted van Lieshout
  • De schelmenstreken van Reinaert de Vos / Koos Meinderts
  • Vosje / Edward van de Vendel & Marije Tolman
  • Liefde is niet voor lafaards / Ulf Stark ; vertaling Edward van de Vendel
  • Het mysterie van niks en oneindig veel snot / Jan Paul Schutten & Floor Rieder
  • Morrigan Crow en het Wondergenootschap / Jessica Townsend ; vertaling Sabine Mutsaers
  • Het ongemakkelijke dagboek van Henry K. Larsen / Susin Nielsen ; vertaling Lydia Meeder en Barbara Zuurbier

Plus 10 boeken die ik zelf vond opvallen:

  • Het-ongewone-verhaal-van-Bo-en-TomHet (on)gewone verhaal van Bo (en Tom) / Tineke Honingh
  • Een indiaan als jij en ik / Erna Sassen
  • Naar de rand van de wereld / Dirk Weber
  • De waarheid volgens Mason Buttle / Leslie Connor ; vertaling Annelies Jorna
  • Spreek je chocola? / Cas Lester ; vertaling Sofia Engelsman
  • Bestemming onbekend / Paul Mosier ; vertaling Lydia Meeder
  • Code Kattenkruid / Jacques Vriens
  • Prutje / Pieter Koolwijk
  • Palmen op de Noordpool / Marc ter Horst
  • Een stormachtig jaar voor Olle en Lena / Maria Parr ; vertaling Bernadette Custers

De debutanten

Ik telde ruim 100 debutanten (schrijvers van wie in 2018 het eerste kinderboek in  Nederland en Vlaanderen verscheen). In werkelijkheid zullen het er nog meer zijn.

Mijn lijstje met opvallende debuten is lekker willekeurig.

  • Charlie en ik / Mark Lowery ; vertaling Sandra C. HesselsWinterhuis hotel
  • Zo raar / Inger Hagerup (een bijzonder debuut, omdat ze in 1985 overleed) ; vertaling Bette Westera
  • Veertien / Tamara Bach ; vertaling Esther Ottens
  • Onzichtbare Emmie / Terri Libenson ; vertaling Arend Jan van Oudheusden
  • Rotbeesten / Gemma Venhuizen
  • 67 seconden / Jason Reynolds ; vertaling Maria Postema
  • Het meisje dat de maan dronk / Kelly Barnhill ; vertaling H.C. Kaspersma
  • Winterhuis Hotel / Ben Guterson ; vertaling Imme Dros
  • Portiek Zeezicht / Annejan Mieras
  • De jongen onder water / Adam Baron ; vertaling Anneke Bok

De doden

  • 1 januari: Anne de Vries
  • 22 januari: Ursula LeGuin
  • 12 maart: Rita Ghesquiere
  • 14 maart: Stephen Hawking
  • 23 maart: P.B. Kerr
  • 23 maart: Marianne Keser
  • 19 mei: Eddy C. Bertin
  • 28 juni: Christine Nöstlinger
  • 1 juli: Armando
  • 7 augustus: Siny van Iterson
  • 14 augustus: Eduard Uspenski
  • 28 augustus: Jacqueline van Leeuwenstein
  • 10 november: Nathalie Slosse

De websites

Op 31 december 2017 stopte ik met Kjoek.nl in de oude vorm: een uitgebreide website met informatie over kinderboeken en kinderboekenschrijvers. Sinds januari is Kjoek een weblog waarop ik af en toe iets publiceer. Dat kost me veel minder, qua tijd en geld, en het bevalt me wel.

Al is het soms wel erg rustig, en daarom organiseerde ik in november de Maand van de Kinderboekenvertaler, met interviews met 30 vertalers. En voor januari 2019 staat alweer een nieuwe Maand op stapel. Daarover morgen meer.

November was een maand met veel bezoek op Kjoek. Het leek dan ook met afstand de drukste maand te worden. Tot ik een paar dagen geleden een blog publiceerde over een citaat van Pippi Langkous. De laatste 4 dagen werden opeens de drukste dagen van dit jaar, en dat ene bericht werd meer bezocht dan de nummers 2 tot en met 25 bij elkaar opgeteld.

Op 1 juli stopte Leesplein, dat altijd een beetje de grote zus van Kjoek was. Dat was een flinke aderlating voor kinderboekenwebsiteland. Maar gelukkig was er ook goed nieuws, want in september startte de Grote Vriendelijke Podcast, waar inmiddels 5 afleveringen van zijn verschenen. De meest recente aflevering bevat ook een jaaroverzicht.

Waar zegt Pippi Langkous: “Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan”?

Deze kerstvakantie herlees ik een aantal boeken van Astrid Lindgren. Het eerste boek was de Pippi Langkous-omnibus. Wat me opviel, was dat ik het bekende citaat

ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan

niet tegenkwam. Zou het dan misschien uit de televisieserie komen? Ik ging op zoek.

Ik vond veel motiverende websites, maar een bron vond ik niet. Ik schakelde over naar Engels (“I have never tried that before so I think i should definitely be able to do that”) maar ook daar was geen bron te vinden. Met Google Translate vond ik het citaat in het Zweeds: “Det har jag aldrig provat tidigare, så det klarar jag säkert”. Het vreemde was wel dat er variaties bleken te bestaan. Bijvoorbeeld: “Det har jag aldrig provat förut, så det klarar jag helt säkert”. Dat is wel een beetje raar, aangezien de verhalen over Pippi oorspronkelijk in het Zweeds zijn geschreven.

Uiteindelijk belandde ik via het Zweedse citaat op de website astridlindgren.com. Bij de Vanliga frågor och svar (FAQ, in goed Nederlands) vond ik ook een vraag over Kända men felaktiga citat. Gelukkig bleek er ook een Engelse versie te bestaan, waar onder het kopje Popular misquotes ook het citaat bleek te staan. Astrid Lindgren blijkt dit niet te hebben geschreven, en er is geen bron bekend.

Toch zegt Pippi in het boek wel degelijk iets over ‘proberen’. Namelijk in het tweede boek, Pippi Langkous gaat aan boord. In het hoofdstuk Pippi gaat boodschappen doen staat:

“Tja, als we eens begonnen”, zei Pippi. “Allereerst zou ik een piano willen kopen.”
“Ja maar Pippi”, zei Tommy, “je kunt toch niet pianospelen?”
“Hoe kan ik dat nou weten, als ik het nog nooit geprobeerd heb”, antwoordde Pippi. “Ik heb nog nooit een piano gehad om het te proberen. En laat ik je zeggen, Tommy, pianospelen zonder piano, dat kost ontzettend veel moeite om te leren.”

Het komt in de buurt, het is leuk, maar het doet het waarschijnlijk toch minder goed op een tas, onderzetter, mok of muursticker.

UPDATE 21 mei 2020: naar aanleiding van de reacties op dit artikel schreef ik een vervolgartikel.

Wat is het verschil tussen Maria Poppins en Mary Poppins?

Ik houd erg van Mary Poppins. Van de film, maar nog meer van het boek. Ik herlees het ongeveer elke tien jaar een keer. Met veel plezier, want vooral in het boek is Mary een kindermeisje naar mijn hart: geheimzinnig, ijdel, een beetje bits en stiekem erg aardig. Al zal ze dat laatste nooit toegeven.

Wat ze ook niet zal toegeven, is dat ze aan het verouderen was. De Nederlandse vertaling van A.C. Tholema stamt uit 1951. En het verhaal Een slechte dinsdag deed al een tijdje mijn tenen krommen. Er komen een eskimo, neger, chinees en indiaan in voor, die op stereotype wijze beschreven worden. Ik was dan ook benieuwd naar de nieuwe vertaling door Tiny Fisscher. Ik vergeleek de nieuwe vertaling (de 12e, geheel herziene druk uit 2018) met de 11e druk uit 2011 en de 7e druk uit 1979. De versie uit 2011 is gebaseerd op de herdruk uit 2002, waarin de originele vertaling bewerkt is door Mariska Hammerstein.

De 7e druk is net als het Engelse origineel geïllustreerd door Mary Shepard; de 11e druk door Els van Egeraat en de 12e door Geertje Aalders.

Namen
In 1979 heette Mary nog Maria. De kinderen heetten Jannie, Michiel, Marc en Barbara Bank. Volgens mij was het vroeger normaler om namen te vernederlandsen. In de 11e druk (en waarschijnlijk al eerder) heet de hoofdpersoon Mary, maar de andere namen zijn niet aangepast. Wel in de 12e druk: daar heten ze Jane, Michael, John en Barbara Banks. Net als in het Engelse origineel.

Taalgebruik
In de oude druk was het taalgebruik wat verouderd (fragment uit het tweede hoofdstuk, De uitgaansdag):

“Allemachies!” zei Maria Poppins. Dat zei ze altijd, als ze iets prettig vond.
“Jandoppie!” zei de lucifersman. En dat was zijn speciale uitdrukking.
“Wilt u geen plaats nemen, m’vrouw?” vroeg een stem, en ze draaiden zich om en zagen een lange man in een zwarte jas uit het bos komen, met een servet over zijn arm.

In de 11e druk is dat al iets aangepast:

‘Allemachies!’ zei Mary Poppins. Dat zei ze altijd, als ze iets prettig vond.
‘Jandoppie!’ zei de lucifersman. En dat was zijn speciale uitdrukking.
‘Wilt u niet plaatsnemen, mevrouw?’ vroeg iemand opeens. Toen ze zich omdraaiden, zagen ze een lange man in een zwarte jas met een servet over zijn arm uit het bos komen.

De nieuwe vertaling is behoorlijk anders:

‘Krijg nou wat!’ zei Mary Poppins.
‘Verhip!’ zei Bert.
‘Gaat u zitten, mevroi,’ klonk plotseling een zeer deftige stem. Ze draaiden zich om en zagen een lange man in een statig zwart pak uit het bos komen, een wit servet over zijn arm gevouwen.

Deze voorbeelden laat zien dat de nieuwe vertaling flink afwijkt van de oorspronkelijke. Het leest allemaal iets lekkerder. Het taalgebruik is nog steeds een beetje ouderwets, met woorden die nu niet meer gebruikt worden. Dat is niet erg: het boek speelt ergens aan het begin van de vorige eeuw en dat mag je best merken. Het moet alleen niet oubollig worden, zoals dat in oudere drukken het geval was.

Een slechte dinsdag
In de nieuwe vertaling heet dit hoofdstuk Stoute dinsdag. Het verhaal wijkt flink af van het verhaal in eerdere drukken. Mary, Jane en Michael ontmoeten geen mensen meer, maar dieren: een ijsbeer, een blauwe ara, een panda en een dolfijn. De vertaler baseerde zich hierbij op een door de auteur aangepaste versie van haar originele verhaal.

Tot slot
Let ook op de illustraties van knipkunstenaar Geertje Aalders. Haar paginagrote illustraties in zwart-wit zijn erg mooi. Maar het omslag in kleur steelt de show.

Met deze nieuwe editie, met een nieuwe vertaling en nieuwe illustraties, kan Mary Poppins weer een hele tijd vooruit.